Dauwpunttemperatuur (Magnus benadering)
Beschrijving
Bereken de exacte dauwpunttemperatuur met de Magnus Tetens formule en beoordeel het condensatie en schimmelrisico op een koud oppervlak zoals glas, koudebrug of buitenmuur.
Invoer velden
Resultaten
Deze tool berekent de dauwpunttemperatuur met de Magnus Tetens benadering en toetst een oppervlak op condensatie en schimmelrisico. Het dauwpunt is de temperatuur waarop waterdamp uit de lucht condenseert. De tool berekent ook de schimmelgrens (80% relatieve vochtigheid op het oppervlak) omdat schimmel al kan groeien voordat het dauwpunt wordt bereikt, bij een oppervlaktetemperatuur die ongeveer 3,3°C boven het dauwpunt ligt.
Vul de luchttemperatuur, relatieve luchtvochtigheid en de oppervlaktetemperatuur in (bijvoorbeeld binnenkant glas, koudebrug of buitenmuur). Indicatieve oppervlaktetemperaturen bij 20°C binnen en 0°C buiten: enkel glas 5 tot 8°C, oud dubbel glas 11 tot 13°C, HR++ glas 16 tot 17°C, niet geisoleerde steensmuur 12°C, goed geisoleerde buitenmuur 18 tot 19°C. Een marge van minder dan 2°C tot het dauwpunt is in de praktijk risicovol vanwege lokale temperatuurschommelingen en meetonzekerheid.
Formulas:
-
h_alpha = if(relatieve_vochtigheid > 0, ln(relatieve_vochtigheid / 100), ln(1 / 100)) + (17.62 * luchttemperatuur) / (243.12 + luchttemperatuur)
-
h_t_dauwpunt = round((243.12 * h_alpha) / (17.62 - h_alpha), 2)
-
h_t_schimmelgrens = round(h_t_dauwpunt + 3.3, 2)
-
t_dauwpunt = h_t_dauwpunt
De temperatuur waarbij waterdamp uit de lucht gaat condenseren op een oppervlak. Bij 20°C en 50% luchtvochtigheid is het dauwpunt circa 9,3°C. -
marge_dauwpunt = round(oppervlakte_temp - h_t_dauwpunt, 1)
Het verschil tussen de oppervlaktetemperatuur en het dauwpunt. Positief is droog. Bij een marge kleiner dan 2°C is er risico door lokale temperatuurschommelingen en meetonzekerheid. -
t_schimmelgrens = h_t_schimmelgrens
De oppervlaktetemperatuur waarbij de relatieve vochtigheid op het oppervlak 80% bedraagt. Bij deze grens kan schimmelgroei optreden, ruim voordat het dauwpunt wordt bereikt. Bij benadering 3,3°C boven het dauwpunt. -
marge_schimmel = round(oppervlakte_temp - h_t_schimmelgrens, 1)
Het verschil tussen de oppervlaktetemperatuur en de schimmelgrens. Positief is veilig voor schimmel. Bij een negatieve waarde is er verhoogd schimmelrisico. -
risico_beoordeling = if(oppervlakte_temp <= h_t_dauwpunt, 'Condensatie: het oppervlak is kouder dan het dauwpunt.', if(oppervlakte_temp <= h_t_schimmelgrens, 'Schimmelrisico: de vochtigheid op het oppervlak is hoger dan 80%.', 'Geen condensatie of schimmelrisico.'))
Drie mogelijke uitkomsten: actieve condensatie (oppervlak nat, risico op waterschade), schimmelrisico (80% RV op oppervlak overschreden, schimmel kan groeien zonder zichtbaar vocht), of veilig (geen condensatie of schimmelgevaar). -
advies_condensatie = 'Verhoog de ventilatie en isoleer het koude oppervlak om condensatie te stoppen.'
Bij condensatie is het oppervlak natter dan het dauwpunt. Dit veroorzaakt waterschade en zware schimmelgroei. Direct ingrijpen is noodzakelijk. Verbeter de isolatie van het koude oppervlak en zorg voor voldoende ventilatie om vocht af te voeren. -
advies_schimmel = 'Ventileer vaker en overweeg isolatie van het koude oppervlak.'
Bij schimmelrisico is de relatieve vochtigheid op het oppervlak hoger dan 80%. Schimmel kan groeien zonder dat het oppervlak nat aanvoelt. Verbeter de ventilatie (bijvoorbeeld CO2 gestuurde afzuiging) en isoleer koude bruggen om het oppervlak te verwarmen.
Berekening informatie
Meer over bouwfysica warmte
Ontdek meer tools gerelateerd aan bouwfysica warmte