Vermogen berekenen (geavanceerd)
Beschrijving
Bereken het elektrisch vermogen op basis van spanning en stroomsterkte. De wet van Watt: P = U × I. Inclusief driefase-optie, weerstand en energieverbruik per jaar.
Het elektrisch vermogen (P) is het product van spanning (U) en stroomsterkte (I): P = U × I. Het resultaat in watt geeft aan hoeveel energie een apparaat of installatie per seconde verbruikt. Voor zwaardere installaties op krachtstroom (driefase 400V) geldt de formule P = √3 × U × I × cosφ, waarbij cosφ de arbeidsfactor is die aangeeft welk deel van het schijnbaar vermogen (VA) daadwerkelijk als werkzaam vermogen (W) wordt geleverd. Een motor of transformator heeft doorgaans een cosφ van 0,80 tot 0,92; een weerstandselement zoals een verwarmingsspiraal heeft cosφ = 1,0.
De weerstand (R = U / I) is een extra output die direct volgt uit dezelfde invoerwaarden en nuttig is voor het diagnosticeren van installaties en het berekenen van verwarmingselementen. De energieverbruikberekening maakt de stap naar de energierekening inzichtelijk.
Invoer velden
Resultaten
Formulas:
-
factor = if(fase == 1, 1, 1.7320508)
-
vermogen = round(factor * spanning * stroom * cosphi, 1)
Enkelfase: P = U × I. Driefase: P = √3 × U × I × cosφ. -
vermogen_kw = round(vermogen / 1000, 3)
Vermogen omgerekend naar kilowatt. -
weerstand = round(spanning / stroom, 2)
R = U / I (wet van Ohm). Nuttig voor het diagnosticeren van installaties en het berekenen van verwarmingselementen. -
verbruik_dag = round(vermogen_kw * gebruiksuren, 3)
Dagelijks energieverbruik op basis van het berekende vermogen en de opgegeven gebruiksuren. -
verbruik_jaar = round(verbruik_dag * 365, 1)
Jaarlijks energieverbruik. Vermenigvuldig met uw stroomtarief (ca. €0,23 per kWh in 2026) voor een kostenschatting.
Berekening informatie
Meer over elektrotechniek
Ontdek meer tools gerelateerd aan elektrotechniek