Bint

BREEAM-certificaat

Duurzaamheid en Milieu B

Definitie

Een BREEAM-certificaat is een internationaal erkend keurmerk dat de duurzaamheidsprestatie van gebouwen en gebieden beoordeelt en certificeert.

Omschrijving

Dat BREEAM staat voor 'Building Research Establishment Environmental Assessment Method', dat is natuurlijk de officiële benaming. Maar wat betekent het nu echt voor een bouwproject? Simpel gesteld: het is een wereldwijd gehanteerde, gestructureerde manier om de duurzaamheid van vastgoed, vanaf het eerste concept tot aan de sloop, te meten én te verbeteren. Het systeem is verregaand, pakt negen kerncategorieën aan, van het management en de energiehuishouding tot waterverbruik, materialen en zelfs de ecologische impact. Iedere categorie biedt punten, zogenaamde 'credits', die oplopen. Hoe meer credits, hoe hoger de score. Denk aan niveaus van 'Pass' tot 'Outstanding'. Dit is geen theoretisch spel, maar een robuuste methodiek die de bouwsector dwingt tot bewuste keuzes. In Nederland? De Dutch Green Building Council (DGBC) beheert en ontwikkelt onze eigen BREEAM-NL variant; een onmisbaar instrument voor wie serieus wil verduurzamen.

Hoe een BREEAM-certificaat wordt verkregen

De weg naar een BREEAM-certificaat vangt aan met de bewuste beslissing een project te laten beoordelen, een keuze die vaak al in de initiële fases van planvorming gemaakt wordt. Een cruciaal figuur hierin is de geaccrediteerde BREEAM-assessor, een professional die het gehele proces begeleidt. Vanaf de projectregistratie bij de certificerende instantie tot de uiteindelijke indiening van het bewijsmateriaal is deze specialist onmisbaar. Een gestructureerde aanpak, dit is het. In de ontwerpfase ligt de focus op het vaststellen van de duurzaamheidsambities en het integreren hiervan in de bouwplannen. De assessor voert dan een initiële evaluatie uit, die gebaseerd is op de beschikbare ontwerpplannen en -specificaties. Deze beoordeling resulteert, na een grondige conformiteitsbeoordeling, in een zogenaamd ‘BREEAM-ontwerpcertificaat’. Een document dat de potentie van het gebouw aantoont, in lijn met de gestelde duurzaamheidsdoelen. Vervolgens, gedurende de realisatie en na de oplevering, wordt al het noodzakelijke bewijsmateriaal verzameld. Dit om aan te tonen dat de duurzaamheidsmaatregelen, zoals vooropgesteld in het ontwerp, daadwerkelijk zijn geïmplementeerd. Hierbij valt te denken aan documentatie over energieprestaties, waterverbruik, gebruikte materialen en afvalmanagement. Na de verificatie door de assessor wordt dit omvangrijke dossier ingediend bij de certificerende partij. Deze partij kent dan het definitieve ‘BREEAM-oplevercertificaat’ toe, mits aan alle gestelde eisen is voldaan. Een proces van planning, uitvoering en onafhankelijke verificatie, dat is het.

Typen en Varianties van BREEAM

Het is cruciaal te begrijpen dat een ‘BREEAM-certificaat’ geen monolithisch begrip is; het is eerder een familie van beoordelingsmethoden, elk toegespitst op een specifieke fase of type vastgoed. Niet zomaar één keurmerk, dat is het dus. De meest bekende en in Nederland gebruikte variant is ongetwijfeld BREEAM-NL. Dit is de Nederlandse bewerking van de internationale BREEAM-standaard, beheerd door de Dutch Green Building Council (DGBC). Deze specificatie zorgt ervoor dat de methode nauw aansluit bij de lokale wetgeving, bouwmethoden en de specifieke Nederlandse context, wat de toepasbaarheid en relevantie aanzienlijk vergroot. Binnen BREEAM-NL onderscheiden we verschillende schema's, elk met een eigen focus:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie: Dit is de meest gangbare, bedoeld voor – de naam zegt het al – nieuwbouwprojecten en grootschalige renovaties van gebouwen. Van kantoorpanden tot woningen, het beoordeelt de duurzaamheid vanaf de ontwerpfase tot en met de oplevering.
  • BREEAM-NL In-Use: Hier ligt de nadruk op de operationele fase van bestaande gebouwen. Het meet de prestaties van een gebouw tijdens het daadwerkelijke gebruik, inclusief onderhoud en beheer. Een waardevolle tool voor facility managers en eigenaren die hun bestaande portefeuille willen verduurzamen.
  • BREEAM-NL Gebiedsontwikkeling: Niet alleen individuele gebouwen worden beoordeeld. Dit schema richt zich op de duurzaamheid van complete gebieden, zoals woonwijken of bedrijventerreinen, en kijkt naar aspecten als mobiliteit, ecologie en leefbaarheid.
  • BREEAM-NL Sloop en Demontage: Minder bekend, maar even belangrijk. Dit certificaat focust op de duurzaamheid van het sloopproces, met aandacht voor circulariteit en het terugwinnen van materialen.
Bovendien kennen we de verschillende prestatieniveaus die een project kan behalen, variërend van ‘Pass’ (Voldoende) tot ‘Outstanding’ (Uitmuntend). Tussen deze uitersten bevinden zich ‘Good’ (Goed), ‘Very Good’ (Zeer Goed) en ‘Excellent’ (Uitstekend). Een hoger niveau betekent een hogere score, een diepere integratie van duurzaamheidsprincipes en een ambitieuzer project. Het gaat dus niet alleen om *of* je het haalt, maar vooral *hoe* goed je scoort op de duurzaamheidsladder.

Praktijkvoorbeelden

Nieuwbouwprojecten: Van ontwerp naar realiteit

Een ontwikkelaar wil een nieuw kantoorgebouw realiseren, de ambitie: een BREEAM-NL ‘Excellent’ certificaat. Dit is geen vrijblijvende wens, nee, het vertaalt zich direct naar keuzes al in de ontwerpfase. Het architectenbureau en de ingenieurs integreren dan bijvoorbeeld geavanceerde warmtepompsystemen in plaats van traditionele verwarming. Er wordt gekozen voor gevelmaterialen met een lage milieu-impact, vaak gerecycled of regionaal geproduceerd, en een geoptimaliseerde daglichttoetreding in de kantoorruimtes. Zelfs de bouwplaats moet aan strenge eisen voldoen: afvalscheiding is hier een cruciaal onderdeel, met heldere doelen voor hergebruik van materialen.

Een ander voorbeeld: een woningbouwproject. Om het BREEAM-certificaat te behalen, worden daken voorzien van zonnepanelen en groene daken, wat bijdraagt aan biodiversiteit en hemelwaterretentie. De inrichting van de openbare ruimte omvat slimme waterbergingen en voldoende groen, dit verhoogt de ecologische waarde en de leefbaarheid. Elke beslissing, van de oriëntatie van het gebouw tot de selectie van het sanitair, wordt getoetst aan de BREEAM-criteria. Het is een continu proces van afweging, gericht op het maximaliseren van de duurzaamheidsprestatie.

Bestaande gebouwen: Optimalisatie in bedrijf

Denk aan een bestaand distributiecentrum. De eigenaar ziet de noodzaak om te verduurzamen, mede ingegeven door de wens om energiekosten te drukken en een beter imago op te bouwen. Met een BREEAM-NL In-Use certificering als doel, wordt de operationele bedrijfsvoering grondig doorgelicht. Dat betekent concreet: het monitoren en optimaliseren van het energieverbruik door bijvoorbeeld de verlichting te vervangen door LED en de klimaatinstallaties efficiënter in te stellen. Waterbesparende maatregelen in de sanitaire voorzieningen, dat is ook zo'n stap. Het gaat hier niet om bouwen, maar om het slim en duurzaam beheren van wat er al staat. Het afvalmanagement wordt gestroomlijnd, en er wordt gekeken naar de inkoop van duurzame schoonmaakmiddelen en kantoorartikelen. Elk klein beetje helpt, en wordt geregistreerd.

Gebiedsontwikkeling: Duurzaamheid op grote schaal

Een gemeente wil een nieuw bedrijventerrein ontwikkelen, maar dan wel duurzaam. BREEAM-NL Gebiedsontwikkeling biedt hier de kapstok. Hoe vertaalt dat zich in de praktijk? Het plan omvat dan niet alleen de kavels voor bedrijven, maar kijkt breed: naar de ontsluiting met openbaar vervoer, de aanleg van fietspaden, de integratie van waterpartijen voor biodiversiteit en waterberging, én het stimuleren van de circulaire economie onder de toekomstige bedrijven. De aanleg van laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer, zowel voor auto's als vrachtwagens, is daarvan een concreet onderdeel. Een slimme inrichting van de openbare ruimte, met aandacht voor groen en sociale cohesie, dát is wat BREEAM hier stuurt. Het gaat verder dan de individuele gebouwen; het omvat het hele ecosysteem van een locatie.

Wet- en regelgeving: De context van BREEAM-certificering

Een BREEAM-certificaat is in de kern een vrijwillig instrument; het wordt niet rechtstreeks opgelegd door de Nederlandse wet. Toch opereert het allerminst in een juridisch vacuüm. Integendeel, de Nederlandse variant, BREEAM-NL, is juist specifiek ontwikkeld om naadloos aan te sluiten bij de bestaande Nederlandse wet- en regelgeving voor de bouw en het milieu. Het is een aanvulling, een ambitieuze bovenlaag op de fundamenten die de wet reeds legt.

De verhouding is als volgt: waar het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) – de opvolger van het Bouwbesluit 2012 – de minimale eisen stelt aan onder meer veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energieprestatie en milieu, daar stimuleert BREEAM om deze minimumnormen aanzienlijk te overtreffen. Denk aan de eisen rondom energieprestatie, vastgelegd in de BENG-indicatoren (Bijna Energie Neutrale Gebouwen). Een gebouw dient te voldoen aan BENG, dat is de wettelijke plicht. Een BREEAM-certificering daagt dan uit om een nog veel hogere energie-efficiëntie te bereiken dan strikt noodzakelijk, wat vervolgens wordt beloond binnen het scoringssysteem. Het bouwt dus voort op de wettelijke basis, zonder deze te vervangen. Projecten die BREEAM nastreven, moeten uiteraard voldoen aan alle toepasselijke wetten en normen; BREEAM voegt daar de extra duurzaamheidsdimensie aan toe.

Oorsprong en evolutie van BREEAM

De kiem voor wat we nu kennen als BREEAM werd gelegd in het Verenigd Koninkrijk, ruim dertig jaar geleden. Het was 1990 toen het Building Research Establishment (BRE) de eerste versie van deze beoordelingsmethode introduceerde. Een antwoord, dat was het, op een groeiend besef dat de bouwsector een aanzienlijke ecologische voetafdruk achterliet en dat er behoefte was aan een meetbaar instrument om duurzaamheidsprestaties te kwantificeren. Destijds was dit revolutionair; er bestond nog geen vergelijkbaar gestandaardiseerd systeem dat de milieu-impact van gebouwen zo integraal en objectief benaderde.

In de beginfase lag de focus primair op de milieuprestaties van nieuwe kantoorgebouwen, de meest voor de hand liggende plek om te starten. De methodiek ontwikkelde zich snel, waarbij geleidelijk meer typen gebouwen en duurzaamheidscategorieën werden opgenomen. Het duurde niet lang voordat de internationale bouwgemeenschap de waarde van BREEAM inzag. Dit leidde tot de verspreiding van de methode buiten de Britse grenzen. Nationale organisaties begonnen eigen varianten te ontwikkelen, specifiek toegesneden op de lokale bouwstandaarden, regelgeving en milieu-uitdagingen. Dat was een cruciale stap in de adaptatie.

De introductie van BREEAM-NL door de Dutch Green Building Council (DGBC) in 2009 markeerde een belangrijke mijlpaal in Nederland. Deze lokalisatie zorgde ervoor dat BREEAM naadloos aansloot op de Nederlandse context, wat de toepasbaarheid en acceptatie enorm heeft vergroot. Door de jaren heen is de scope van BREEAM verder verbreed; van uitsluitend nieuwbouw en grote renovaties, naar het beoordelen van de operationele prestaties van bestaande gebouwen (BREEAM-NL In-Use), de duurzaamheid van complete gebiedsontwikkelingen en zelfs de aspecten rondom sloop en demontage. Het is een instrument dat constant meebeweegt met de nieuwste inzichten en eisen op het gebied van duurzaamheid, een dynamische ontwikkeling die kenmerkend is voor BREEAM.

Link gekopieerd!

Meer over duurzaamheid en milieu

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan duurzaamheid en milieu