IkbenBint.nl

Draadroosterbekisting

Bouwtechnieken en Methodieken D

Definitie

Verloren bekistingsvorm bestaande uit een driedimensionaal geraamte van gegalvaniseerd staaldraad waarin isolatieplaten zijn verwerkt die na het storten permanent onderdeel blijven van de betonconstructie.

Omschrijving

In de modder van een bouwput bewijst dit systeem direct zijn waarde. Snelheid en gewichtsbesparing staan centraal. Draadroosterbekisting elimineert de noodzaak voor het traditionele ontkisten; de mal blijft simpelweg zitten. De stalen roosters vormen een stijf karkas dat de druk van de vloeibare betonmortel opvangt, terwijl de ingeklemde isolatiepanelen — meestal van geëxpandeerd polystyreen (EPS) — fungeren als wanden. Dit is een slimme zet voor projecten waar thermische isolatie en snelheid bij de start van de bouw cruciaal zijn. De draadstructuur zorgt voor een uitstekende hechting tussen de isolatie en de betonkern, waardoor een monolithisch geheel ontstaat zonder koudebruggen.

Uitvoering in de praktijk

De uitvoering start met het nauwkeurig uitzetten van de contouren op de werkvloer of de voorbereide ondergrond. De elementen gaan de put in. Handmatig tillen volstaat doorgaans. De lichte, geprefabriceerde korven worden op hun positie gezet en onderling verbonden via de overlappende draaduiteinden, waarbij vlechtwerk of mechanische klemverbindingen zorgen voor een star en gesloten karkas. Deze koppeling is essentieel om te voorkomen dat de bekisting wijkt onder de hydrostatische druk van de vloeibare betonmortel.

Bij de verdere verwerking schuift men de aanvullende wapeningsstaven direct door de mazen van het rooster naar de gewenste diepte. Het stalen raster dient hierbij als een natuurlijke afstandhouder die de wapening fixeert zonder dat daar veel extra hulpmiddelen voor nodig zijn. Vervolgens start het storten van de betonmortel. De vloeibare massa vult de ruimte tussen de isolatieplaten en omsluit het driedimensionale draadwerk volledig, waarbij de mortel zich hecht aan zowel het verzinkte staal als de isolatie. Er vindt geen ontkisting plaats. Na uitharding blijft het gehele systeem zitten, waarbij de draadstructuur en de isolatieplaten direct hun definitieve functie in de constructie vervullen.

Varianten in geometrie en isolatiewaarde

De vormvrijheid van draadroosterbekisting bepaalt de inzetbaarheid op de bouwplaats. Meestal gaat het om standaard U-elementen voor funderingsbalken. Maar de praktijk is weerbarstiger dan een rechte lijn. Voor randbekisting bij vloervelden worden L-elementen ingezet. Hoeken? Die zijn er in 90 graden, als geprefabriceerde koppelstukken, waardoor zagen en knutselen in de modder verleden tijd is. De variatie zit ook in de dikte van de EPS-kern. Projecten met een hoge isolatie-eis vragen om dikkere platen, vaak variërend van 50 tot wel 200 millimeter. De staaldraad-matrix wordt hierop aangepast. Soms is het rooster enkelzijdig bekleed, soms dubbelzijdig. Maatwerk regeert.

Terminologische verwarring en nuances

Men noemt dit systeem vaak simpelweg 'verloren bekisting' of 'EPS-kist'. Dat dekt de lading niet volledig. Het onderscheid zit in het geraamte. Waar een standaard EPS-bekisting vaak afhankelijk is van zandaanvulling of externe schoren om niet te bezwijken, haalt de draadroosterbekisting zijn kracht uit het verzinkte staal. Een veelgemaakte vergelijking is die met Pecafil. Hoewel beide systemen een draadstructuur gebruiken, mist Pecafil de harde isolatieplaat; daar wordt gewerkt met een folie. Draadroosterbekisting combineert dus twee functies: vormgeven en isoleren. Het is een hybride oplossing. Geen tijdelijk hulpstuk, maar een blijvend onderdeel van de schil.

Functionele verschillen in wapeningsopname

Niet elk rooster is hetzelfde. Er bestaan varianten waarbij de hoofdwapening al deels in de korf is opgenomen. Prefab in de overtreffende trap. Bij de gangbare types dient het driedimensionale vlechtwerk echter als een vrije mal. De mazen fungeren dan als natuurlijke afstandhouders. Je schuift de staven erdoorheen. De diepte ligt vast door de structuur van het draadwerk. Dit voorkomt dat wapening gaat 'drijven' tijdens het storten. Er zijn ook verzwaarde uitvoeringen voor constructies die een hogere hydrostatische druk moeten weerstaan, waarbij de draaddikte en de maaswijdte specifiek zijn afgestemd op de betonstorthoogte.

Praktijkvoorbeelden en toepassingen

Een kletsnatte bouwplaats in de polder. De funderingssleuven staan deels onder water. Twee grondwerkers plaatsen handmatig de lichtgewicht U-bakken van draadroosterbekisting over de uitgezette lijnen. Geen zware kraan nodig. De elementen worden met vlechtstaal aan elkaar verbonden tot een ononderbroken mal. De wapening zakt simpelweg door de mazen op zijn plek. Waar men vroeger uren bezig was met het stellen van houten kisten en het naderhand moeizaam verwijderen van vervuilde panelen uit de klei, zorgt dit systeem voor een directe overgang van graafwerk naar betonstort. Snelheid regeert hier.

Een ander scenario: een appartementencomplex met een uitkragende vloer boven een onverwarmde ruimte. Langs de randen worden L-elementen gemonteerd. De verticale zijde van het rooster, voorzien van een dikke laag EPS, vormt de definitieve beëindiging van de vloer. Tijdens het storten van de betonmortel houdt het stalen raster de isolatieplaat onwrikbaar op zijn plek, zelfs wanneer de trilnaald er vlak langs gaat. Geen risico op uitbuiken. De bekisting blijft zitten. Het gevelmetselwerk kan later direct tegen de isolatie aan worden opgetrokken. Een koudebrug is voorkomen zonder extra handelingen.

Denk ook aan een villa met een complexe plattegrond vol verspringende gevels. De prefab hoekstukken komen kant-en-klaar aan op de bouw. Geen gezaag of geknutsel ter plekke. De draadroosters sluiten naadloos op elkaar aan, waardoor de hydrostatische druk van het beton gelijkmatig wordt opgevangen. De vloeibare mortel vult de korf, het staaldraad houdt de boel stijf. Efficiëntie in één handeling. Geen tijdelijk hulpmiddel, maar een blijvend onderdeel van het fundament.

Kaders van het Besluit bouwwerken leefomgeving

De inzet van draadroosterbekisting in de Nederlandse utiliteits- en woningbouw valt onder de strikte regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Dit besluit stelt de minimale Rc-waarden vast voor de thermische schil van een gebouw. Omdat de isolatieplaten in het draadrooster permanent deel uitmaken van de constructie, moeten deze voldoen aan de geldende isolatie-eisen voor funderingen en vloeren. Een fabrikant dient doorgaans een CE-markering te overleggen die aantoont dat het systeem voldoet aan de Europese verordening voor bouwproducten (CPR). Zonder deze markering mag het materiaal formeel niet worden toegepast in een constructie die onderhevig is aan bouwtoezicht.

Normering voor staal en betonconstructies

Het driedimensionale geraamte van verzinkt staaldraad moet voldoen aan specifieke materiaalnormen om de structurele integriteit tijdens het storten te waarborgen. NEN-EN 10223-4 is hierbij relevant voor gelaste draadproducten van staal. Constructief gezien speelt de Eurocode 2 (NEN-EN 1992) een rol zodra de bekisting invloed heeft op de dekking van de wapening. Hoewel het rooster zelf geen hoofdwapening is, fungeert het wel als afstandhouder. De minimale betondekking moet gewaarborgd blijven volgens de vigerende milieuklassen. Het verzinken van het staaldraad conform NEN-EN 10244-2 voorkomt voortijdige corrosie voordat het beton de draad volledig omsluit. Het gaat hier niet om tijdelijke hulpstukken, maar om een hybride bouwdeel dat aan alle duurzaamheidseisen van een permanente constructie moet voldoen.

Brandveiligheid en EPS-kwaliteit

Het toegepaste geëxpandeerd polystyreen (EPS) in de draadroosterbekisting is gebonden aan NEN-EN 13163. Deze norm specificeert de eigenschappen voor thermische isolatie in de bouw. Brandveiligheid is een kritiek punt. Voor funderingen onder het maaiveld gelden andere regels dan voor randbekistingen boven de grond. Het BBL stelt eisen aan de brandklasse, waarbij EPS vaak moet worden uitgevoerd in een brandvertragende kwaliteit (SE-kwaliteit) om te voorkomen dat de bekisting bijdraagt aan brandvoortplanting tijdens de bouwfase of in de definitieve situatie bij blootgestelde randen. Controleer altijd de prestatieverklaring (DoP) van de specifieke systeemleverancier op deze punten.

Van houten planken naar een stalen ruggengraat

Hout en spijkers domineerden decennialang de funderingssleuven. Traditionele bekisting kostte tijd. Veel tijd. Na de betonstort volgde steevast het ontkisten, het moeizaam reinigen van de panelen en het afvoeren van houtafval uit de modderige bouwput. De introductie van de eerste vormen van verloren bekisting in de jaren zeventig en tachtig markeerde de eerste breuk met dit patroon. Men experimenteerde destijds met vezelcementplaten en eenvoudige EPS-blokken, maar de stabiliteit bleef een zorgenkind. Zonder zware zandaanvulling of intensief extern stempelwerk bezweken deze vroege malvormen vaak onder de hydrostatische druk van het vloeibare beton.

De technische doorbraak kwam met de integratie van het driedimensionale staaldraadrooster in de isolatiekern. Dit geraamte gaf de bekisting een intrinsieke stijfheid die voorheen ontbrak. De ontwikkeling versnelde in de jaren negentig, gedreven door de steeds strengere eisen aan thermische isolatie en de roep om kortere doorlooptijden in de woningbouw. Wat begon als een handig hulpmiddel om de ontkistingstijd te elimineren, evolueerde naar een gecertificeerd systeem dat wapeningsafstand, vormvastheid en isolatiewaarde in één handeling borgt. Geen improvisatie meer op de bouwplaats. De draadroosterbekisting is het directe resultaat van de transitie van ambachtelijk timmerwerk naar industriële assemblage in de funderingstechniek.

Meer over bouwtechnieken en methodieken

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan bouwtechnieken en methodieken