IkbenBint.nl

Draadverloop

Gereedschap en Apparatuur D

Definitie

Een draadverloop is een metalen of kunststof fitting die dient als koppelstuk tussen twee componenten met afwijkende schroefdraadmaten of verschillende draadtypes.

Omschrijving

In de installatietechniek is uniformiteit vaak een illusie. Het draadverloop overbrugt het gat tussen componenten die mechanisch niet op elkaar aansluiten, zoals een hoofdleiding en een kleinere appendage. Of het nu gaat om gas, water of perslucht; de fitting zorgt voor een stabiele overgang. Meestal zie je een combinatie van binnendraad (bi) en buitendraad (bu). Een klassiek voorbeeld is de reductie van een 3/4" hoofdaansluiting naar een 1/2" aftakking. Zonder deze adapters zou het installatiewerk hopeloos vastlopen op incompatibele schroefdraden. Het draadverloop maakt systemen modulair en aanpasbaar aan de specifieke eisen van een gebouw.

Realisatie van de schroefverbinding

De integratie van een draadverloop in een leidingsysteem begint bij de voorbereiding van de contactvlakken. Eerst vindt de reiniging van de schroefgangen plaats om bramen of verontreinigingen te verwijderen. Een schone draad is essentieel voor een lekdichte afsluiting. Vervolgens brengt men een afdichtingsmedium aan op de buitendraadse component. Dit kan variëren van synthetische tapes tot vloeibare pakkingen of traditionele vezels, afhankelijk van het medium dat door de leiding stroomt. Het aanbrengen gebeurt tegen de draairichting in zodat het materiaal tijdens het indraaien stevig in de spoed wordt geperst.

De eigenlijke montage start met het handmatig aanzetten van de fitting. Dit voorkomt beschadiging door scheefstand. Pas als de draad correct pakt, wordt gereedschap ingezet voor de definitieve fixatie. De uitdaging ligt hier bij het doseren van de kracht. Te veel torsie leidt tot vervorming van de flanken of zelfs het scheuren van de fitting. Bij het koppelen van ongelijke materialen, zoals messing op staal of kunststof op metaal, is de invloed van thermische expansie een factor die de mate van aandraaien beïnvloedt. De verbinding bereikt zijn voltooiing wanneer de mechanische weerstand oploopt en de gewenste positionering van de appendage is bereikt. Tenslotte ondergaat de overgang vaak een drukproef. Lekvrij onder druk. De overgang is dan functioneel onderdeel van het grotere geheel geworden.

Vormvarianten en specifieke benamingen

In de praktijk bepaalt de configuratie van de draad-einden de specifieke benaming van het verloopstuk. De termen worden vaak door elkaar gehaald. Toch zijn er duidelijke mechanische verschillen. Een verloopring, in de volksmond vaak reductiering genoemd, kenmerkt zich door een grote buitendraad en een kleinere binnendraad. Deze fitting is uiterst compact. Hij verdwijnt bijna volledig in de aansluiting. Daartegenover staat het neusstuk. Hierbij is de buitendraad juist kleiner dan de binnendraad, een configuratie die men vaak toepast om van een kleine machine-uitgang naar een grotere leidingmaat te gaan.

TypeDraadsoort 1Draadsoort 2Kenmerk
VerloopringBuitendraad (groot)Binnendraad (klein)Ruimtebesparend
NeusstukBuitendraad (klein)Binnendraad (groot)Opschalen diameter
VerloopnippelBuitendraadBuitendraadVerschillende maten
VerloopsokBinnendraadBinnendraadKoppelen van buizen

De verloopnippel en verloopsok vormen de basis voor lineaire verbindingen. Twee mannelijke einden. Of juist twee vrouwelijke einden. De keuze voor een specifieke variant hangt volledig af van de bestaande infrastructuur en de noodzaak om al dan niet extra lengte aan het systeem toe te voegen.

Draadstandaarden en materiaalgebruik

Niet elke schroefdraad is gelijk. In de Nederlandse installatietechniek domineert de BSP-draad, beter bekend als gasdraad. Hierbij maakt men onderscheid tussen cilindrische draad (G) en conische draad (R). Een draadverloop kan dienen als interface tussen deze twee systemen. Een conische buitendraad in een cilindrische binnendraad. Dit zorgt voor een wigwerking die de afdichting bevordert. In de machinebouw komt men echter vaker metrische draad tegen, waarbij de spoed en diameter in millimeters worden uitgedrukt. Een verloop van metrisch naar duims is daar geen uitzondering maar bittere noodzaak.

Materiaalvastheid is essentieel. Messing is de standaard voor cv-installaties en drinkwater. Voor agressieve vloeistoffen of de voedingsmiddelenindustrie is RVS echter de enige optie. Kunststof varianten van PVC of PP worden veelvuldig toegepast in de beregeningstechniek of bij chemische afvoersystemen. Minder drukbestendig. Wel corrosievrij. De materiaalkeuze moet altijd corresponderen met de rest van het leidingsysteem om galvanische corrosie te voorkomen. Staal op messing kan. Maar wees voorzichtig met de combinatie van onedele en edele metalen in een vochtig milieu.

Praktijksituaties en toepassingen

Renovatieprojecten in oude herenhuizen. De dikwandige, stalen cv-leidingen uit de jaren '50 hebben vaak maten die niet meer direct passen op moderne radiatorkranen. Hier vormt een messing verloopring de fysieke brug tussen de 3/4 inch leiding en de 1/2 inch kraan. Een snelle draai. De overgang is een feit. In de persluchttechniek zie je het bij de montage van een manometer op een buffervat. De tank heeft een robuuste opening, terwijl het meetinstrument een fragiele draad bezit. Zonder verloopnippel is montage onmogelijk.

  • Keukenaansluitingen: Een nieuwe vaatwasser moet op een bestaande hoekstopkraan met een afwijkende diameter. Een klein verloopstuk voorkomt dat de hele kraan vervangen moet worden.
  • Pompsystemen: Bij tijdelijke noodpompen moeten diverse slangkoppelingen razendsnel compatibel worden gemaakt met de pompuitlaat. Kunststof verloopstukken bieden hier een lichtgewicht en snelle oplossing.
  • Industriële sensoren: Een temperatuurvoeler met metrische draad die in een flens met gasdraad (BSP) moet worden gedraaid.

Of denk aan de beregeningstechniek. Een beregeningspomp met een 1 1/4 inch uitgang moet worden gekoppeld aan een standaard tyleenslang van 25 mm. Geen ingewikkelde ombouw van de pomp nodig. Een simpel kunststof verloopstuk volstaat en houdt de vaart in het werk. In al deze gevallen voorkomt het draadverloop dat gezonde componenten moeten worden afgedankt enkel vanwege een mechanische incompatibiliteit.

Normering en veiligheidskaders

Draadverlopen in gasinstallaties? Dan telt de GASTEC-QA markering. Onverbiddelijk. NEN 1078 stelt de kaders voor de veiligheid van deze verbindingen in woningen en utiliteit. Een lek is simpelweg geen optie. In de drinkwatersector domineert de NEN 1006 de technische uitvoering. Elk onderdeel dat met water voor menselijke consumptie in aanraking komt, moet voldoen aan de eisen uit het Drinkwaterbesluit. KIWA-gecertificeerde fittingen zijn hier de standaard. Dit waarborgt dat er geen zware metalen of andere contaminanten in de vloeistofstroom diffunderen.

De mechanische passing wordt gedicteerd door internationale normen. NEN-EN-ISO 228-1 geldt voor cilindrische schroefdraad waarbij de afdichting niet op de draad zelf plaatsvindt. Voor verbindingen waarbij de draad wel voor de mechanische dichting zorgt, is NEN-EN 10226-1 de leidraad. Passendheid is veiligheid. Een mismatch tussen conische en cilindrische delen zonder de juiste tussenstukken kan leiden tot spanningscorrosie of voortijdig falen van de verbinding onder druk. Het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL) eist dat installaties gedurende hun levensduur functioneel en veilig blijven. De materiaalkeuze voor een draadverloop moet daarom ook chemisch compatibel zijn met de rest van de installatie om galvanische werking te voorkomen. Geen willekeur. Alleen gecertificeerde combinaties staan garant voor een inspectiewaardig resultaat.

Ontwikkeling en standaardisatie

Vóór de industriële revolutie was elke schroefdraad een unicum. Handwerk. Passingen werden ter plekke op maat gevijld of gesneden door smeden, waardoor uitwisselbaarheid simpelweg niet bestond. De noodzaak voor een draadverloop ontstond pas echt toen Joseph Whitworth in 1841 de eerste universele standaard voor schroefdraad introduceerde. Terwijl de Britse industrie de Whitworth-maat (BSP) omarmde, ontwikkelde het vasteland van Europa later de metrische draad. Deze historische divergentie creëerde een blijvende behoefte aan interface-componenten.

De evolutie van het draadverloop versnelde tijdens de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. De overgang van dikwandige, loden systemen naar modernere materialen zoals verzinkt staal en koper dwong tot innovatie in koppelstukken. Waar men vroeger fittingen uit massief brons goot, zorgde de opkomst van precisiedraaiwerk voor de ontwikkeling van de compacte verloopring en het neusstuk. In de jaren '70 van de vorige eeuw introduceerde de opkomst van kunststoffen zoals PVC en later PE een nieuwe uitdaging: de overgang tussen metaal en polymeer. Dit leidde tot de ontwikkeling van hybride verloopstukken die rekening houden met verschillende uitzettingscoëfficiënten. De huidige markt wordt gedicteerd door ISO-normen, maar de erfenis van regionale standaarden uit de 19e eeuw zorgt ervoor dat het draadverloop nog steeds een onmisbaar onderdeel is in elke technische installatie.

Meer over gereedschap en apparatuur

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan gereedschap en apparatuur