IkbenBint.nl

Fauces

Architectuur, Historie en Cultuur F

Definitie

De fauces is de smalle toegangscorridor in een klassiek-Romeinse stadswoning (domus) die de straatdeur verbindt met het atrium.

Omschrijving

Een architectonische sluis tussen publiek en privaat. Letterlijk vertaald betekent het 'keel', een treffende beschrijving voor deze nauwe passage. In de Romeinse domus fungeert de fauces als de eerste indruk van het interieur voor wie van de straat komt. De gang is meestal rechtlijnig en sober van opzet, ontworpen om de blik direct naar het rijkere atrium te trekken. Het is de drempel waar de buitenwereld ophoudt. Vaak flankeerden tabernae deze doorgang, waardoor de voorgevel van het huis commercieel werd benut zonder de rust in de woning te verstoren. De breedte was beperkt. Dit creëerde een gevoel van compressie voordat de bezoeker de openheid van het atrium ervoer. Het vormde de ruggengraat van de entree-ervaring.

Ruimtelijke realisatie en functionele inpassing

De constructie van de fauces volgt een strikt stramien binnen de plattegrond van de Romeinse woning. Men positioneert de corridor doorgaans op de centrale as van het gebouw, direct aansluitend op de rooilijn van de openbare weg. De wanden worden opgetrokken als massieve, blinde scheidingen die de private doorgang isoleren van de commerciële ruimtes aan de straatzijde. Een bewuste versmalling van de ruimte vindt plaats. Dit dwingt de bezoeker in een lineair traject waarbij de visuele focus onmiddellijk op het achterliggende atrium komt te liggen.

De integratie van de deurdrempels is bij de uitvoering essentieel voor de zonering. Men plaatst de hoofdtoegang vaak halverwege de corridor, waardoor een gelaagde overgang ontstaat. De vloer wordt op een niveau gebracht dat de overgang naar de rest van de woning voorbereidt, waarbij een lichte helling of een subtiel hoogteverschil de hiërarchie van de ruimte benadrukt. Zichtlijnen blijven onbelemmerd. Geen nissen of zijvertrekken verstoren de doorstroming. Het resultaat is een architectonisch gecontroleerde entree; de ruimte dicteert de beweging van de gebruiker zonder dat er fysieke barrières in het zichtveld staan.

Typologische variaties en terminologische verwarring

Niet elke doorgang in een Romeinse woning mag zomaar als fauces worden bestempeld. De terminologie luistert nauw. Vaak ontstaat er verwarring met het vestibulum. Hoewel beide termen betrekking hebben op de entree, is het onderscheid essentieel: het vestibulum is de architectonische inkeping in de voorgevel vóór de eigenlijke voordeur, terwijl de fauces de gang binnenshuis aanduidt. In meer bescheiden woningen ontbreekt het vestibulum vaak volledig. Men stapt dan direct van de publieke straat de private gang in. Een abrupte overgang. In de meest luxueuze stadshuizen ziet men echter de variant met een prothyrum. Dit is een fauces die wordt onderbroken door een extra set deuren of een gordijn, wat een extra filterlaag toevoegt tussen de straat en het atrium.

De ruimtelijke configuratie hangt nauw samen met de commerciële invulling van de gevel. Bij woningen met een commerciële plint wordt de corridor geflankeerd door tabernae. Deze winkels hebben meestal geen directe verbinding met de fauces, waardoor de gang een strikt gesloten karakter behoudt ondanks de publieke drukte aan de buitenzijde. Een smalle, diepe pijp. Een ander onderscheid moet worden gemaakt met de andron. Hoewel deze gang visueel op de fauces lijkt, bevindt de andron zich dieper in de domus. De fauces verbindt de straat met het atrium; de andron vormt de schakel tussen het atrium en het peristylium. De eerste kijkt naar de wereld, de tweede naar de tuin.

Varianten in afwerking markeren bovendien het sociale karakter van de woning. Waar sommige gangen louter functioneel zijn uitgevoerd met eenvoudig pleisterwerk, fungeerden andere als een visueel visitekaartje. Denk aan de bekende mozaïekvloeren met de waarschuwing 'Cave Canem'. Dergelijke vloerdecoraties transformeren de corridor van een simpele verkeersruimte tot een psychologische drempel. De architectuur dicteert hier de beleving van de gast.

Praktische verschijningsvormen van de fauces

In het Huis van de Tragediedichter in Pompeii werkt de fauces als een psychologisch filter. Direct bij binnenkomst staart een mozaïekhond de bezoeker vanaf de vloer aan. De hond waakt. Deze smalle tunnel creëert een moment van fysieke compressie voordat de bezoeker de weidse lichtinval van het atrium betreedt, wat de ruimtelijke impact van de woning aanzienlijk vergroot door het contrast in volume.

Stel je een wandeling door een drukke Romeinse winkelstraat voor. Tussen de houten luiken van twee rumoerige tabernae zie je een donkere, raamloze opening van slechts anderhalve meter breed. Dit is de fauces. Terwijl de flanken van de gevel in beslag worden genomen door commerciële chaos, fungeert deze diepe 'keel' als een geluidssluis die de stof en hitte van de straat buiten houdt. Een visuele as. Geen afleiding. De blik wordt onverbiddelijk naar het verre, flonkerende water van het impluvium getrokken, diep in het private domein.

Archeologische kaders en de Erfgoedwet

De juridische relevantie van de fauces manifesteert zich in de hedendaagse praktijk uitsluitend binnen de archeologische monumentenzorg en restauratie-ethiek. De Erfgoedwet vormt hierbij het vigerende kader. Stuit men tijdens graafwerkzaamheden op de fundamenten van een Romeinse domus, dan is de meldingsplicht onmiddellijk van kracht. Artikel 5.10 is onverbiddelijk. Behoud in situ geniet de voorkeur, conform de uitgangspunten van het Verdrag van Malta. Het fysiek veiligstellen van de bodemvondst weegt zwaarder dan de voortgang van nieuwe projectontwikkeling. Een archeologisch Programma van Eisen (PvE) dicteert vervolgens hoe de resten van de gangstructuur gedocumenteerd of geconserveerd moeten worden.

Spanning met moderne bouwregelgeving

Bij de reconstructie van historische woonvormen voor educatieve doeleinden ontstaat een direct conflict met het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Een authentieke fauces is naar moderne maatstaven disfunctioneel. Te smal. De voorgeschreven vrije breedte voor verkeersruimten in het BBL laat weinig ruimte voor de oorspronkelijke, beklemmende maatvoering van de Romeinse architectuur. Een architect staat hier voor een dilemma. Veiligheid versus historie. Wanneer een dergelijke ruimte onderdeel uitmaakt van een publiekstoegankelijk gebouw, dwingen de eisen rondom zelfredzaamheid en vluchtroutes vaak tot aanpassingen die de historische beleving van 'compressie' tenietdoen. Maatwerkoplossingen en gelijkwaardigheidsbepalingen zijn dan de enige uitweg om de oorspronkelijke typologie juridisch haalbaar te maken.

Historische ontwikkeling van de keel van de domus

De fauces is een architectonisch relict uit een tijd waarin de private sfeer rigoureus werd afgeschermd van publieke chaos. Het concept vindt zijn oorsprong in de vroege Italische woningbouw. In die periode was de entree vaak nog breed en ongecompliceerd. De stad werd voller. De druk op de vierkante meters nam toe. Naarmate de bevolkingsdichtheid in steden als Rome en Pompeii steeg, transformeerde het ontwerp van de woning naar binnen toe. De corridor versmalde. De 'keel' werd geboren.

Rond de tweede eeuw voor Christus onderging de ruimte een technische evolutie. Architecten begonnen de fauces in te zetten als een optisch instrument. De wanden werden hoger opgetrokken en de lichtinval werd tot een minimum beperkt. Door de doorgang extreem nauw te houden ten opzichte van het daaropvolgende atrium, manipuleerde men de ruimtelijke ervaring van de bezoeker. Een spel van compressie en expansie. Het was een bewuste ingreep in de verkeersstroom van het huis.

In de latere keizertijd verschoof de focus naar sociale controle. De fauces werd vaker gecombineerd met een prothyrum, waarbij extra deuren de beveiliging en thermische isolatie versterkten. Het werd een sluis. Niet alleen tegen geluid en stof, maar ook als filter voor de clientes die de heer des huizes bezochten. De afwerking weerspiegelde deze statusgroei. Waar de vroege varianten sober waren uitgevoerd met eenvoudig kalkstuc, vertoonden de latere exemplaren complexe fresco's en mozaïekvloeren die de economische opmars van de eigenaar over de eeuwen heen illustreerden.

Meer over architectuur, historie en cultuur

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan architectuur, historie en cultuur