IkbenBint.nl

Intrados

Constructies en Dragende Structuren I

Definitie

De intrados is het binnenste of onderste begrenzingsvlak van een boog, gewelf of latei.

Omschrijving

Kijk omhoog onder een gemetselde toog. Wat je ziet is de intrados. Dit binnenwelfvlak vormt de fysieke onderzijde van de boogconstructie en vangt het oog van iedereen die de doorgang passeert. Terwijl de extrados vaak verborgen gaat achter vullingen of bovenliggend metselwerk, blijft de intrados zichtbaar als de 'buik' van de constructie. De vorm is cruciaal voor de esthetiek. Een imperfectie valt hier direct op. In de praktijk spreken we vaak over de dagkant van de boog, hoewel intrados de geometrisch zuivere term is voor de curve zelf. Het is het oppervlak dat de ruimte direct begrenst.

Uitvoering en toepassing

De realisatie van een intrados begint bij het formeel. De tijdelijke ondersteuning. Deze mal bepaalt de radius van de boog of het gewelf. Metselaars stapelen de stenen direct op dit houten geraamte. De onderkant van de steen vormt het raakvlak met de mal. Nauwkeurige positionering is vereist. Elke verschuiving is na afloop zichtbaar in het zichtvlak. Zodra de mortel voldoende sterkte bezit, wordt de constructie ontkist. Het formeel zakt. De intrados komt vrij.

Bij betonbouw dicteert de bekistingsplaat de textuur van het oppervlak. Glad of juist met een houtnerfprofiel. In de natuursteenbouw vindt de bewerking van de curve vaak al plaats in de steenhouwerij. Hakken. Slijpen. Frijnen. De stenen worden als geprefabriceerde segmenten gemonteerd. De uiteindelijke afwerking volgt na de plaatsing. Dit betreft vaak het uitkrabben en afvoegen van de naden of het aanbrengen van een stuclaag bij gewelven. Geometrische zuiverheid staat centraal.

Geometrische verschijningsvormen

Vormen van de curve

De geometrie van de intrados wordt gedicteerd door de specifieke boogvorm die de architect of constructeur kiest. Bij een rondboog vormt de intrados een perfecte halve cirkel waarbij de straal over de gehele boog gelijk blijft. Dit in tegenstelling tot de segmentboog, waarbij het oppervlak slechts een deel van een cirkelomtrek beslaat en daardoor een vlakkere indruk maakt. Bij complexe constructies zoals de korfboog of de elliptische boog varieert de kromming van de intrados; de radius verandert vloeiend, wat technisch vakmanschap vereist van de metselaar of steenhouwer.

Spitsbogen introduceren een knikpunt in de intrados. Hier komen twee curven samen in een scherpe hoek. De visuele beleving van het binnenvlak verandert hierdoor drastisch, omdat de lichtval op het hoogste punt breekt.

Intrados versus soffiet

Terminologische nuances

In de bouwwereld ontstaat vaak verwarring tussen de termen intrados en soffiet (of soffit). Hoewel ze beide de onderzijde van een constructie-element aanduiden, is er een wezenlijk verschil in toepassing. Intrados is strikt voorbehouden aan gebogen constructies zoals bogen en gewelven. Het is de intrinsieke curve. De term soffiet is breder en wordt meestal gebruikt voor de vlakke onderzijde van horizontale elementen zoals lateien, kroonlijsten, balkons of overstekken.

KenmerkIntradosSoffiet
VormGekromd (boog/gewelf)Meestal vlak of recht
FocusGeometrie van de boogAfwerking van de onderkant
ToepassingBruggen, kerkgewelven, togenDakoverstekken, plafonds, lateien

Materiaalspecifieke varianten

Zichtwerk en afwerking

De textuur van de intrados hangt nauw samen met het gekozen bouwmateriaal. Bij schoon metselwerk bestaat de intrados uit de koppen of strekken van de baksteen, onderbroken door een regelmatig voegenpatroon. Bij een gepleisterd gewelf is de intrados juist een monolithisch, glad oppervlak waar de constructieve opbouw volledig aan het oog is onttrokken.

Natuurstenen varianten kennen vaak een specifieke bewerking van dit vlak. Een gefrijnde intrados toont fijne, parallelle groeven die met de beitel zijn aangebracht. Dit is niet enkel esthetisch. Het breekt de reflectie van het licht. Bij betonbouw zien we vaak een geprofileerde intrados, waarbij de bekisting een houtnerf of een ander patroon in de 'buik' van de boog heeft achtergelaten. Variatie alom. Geen enkele intrados is hetzelfde door de interactie tussen straal, materiaal en voegwerk.

Praktijksituaties

Een voetganger wandelt door de poort van een middeleeuwse vestingmuur en ziet de ruwe, onregelmatige stenen van de boogconstructie recht boven zich. Dit is de intrados in zijn meest pure, constructieve vorm. Geen opsmuk. Alleen de functionele onderkant van de stenen die de doorgang mogelijk maken.

Bij een modern betonnen viaduct over een snelweg vormt de brede, grijze 'buik' de intrados. Hier zie je vaak de ritmische afdrukken van de bekistingswanden nog in het oppervlak staan. Het is het vlak waar de tunnelverlichting aan wordt gemonteerd en waar de constructeur de grootste drukspanningen berekent.

Kijk je in een klassieke woning omhoog onder een gemetselde ontlastingsboog boven een venster? De zichtbare onderzijde van de bakstenen, die keurig in een straal zijn gelegd, vormt de intrados. Bij een pas gestuukt gewelf in een kerk is de intrados juist een naadloos, wit oppervlak dat het licht zacht verspreidt door de ruimte. De curve bepaalt hier de sfeer.

Relevante wet- en regelgeving

Constructieve veiligheid en normering

Geen instortingsgevaar. Dat is de basis. De intrados is meer dan alleen een zichtvlak; het is de onderkant van een constructief element dat onder drukspanning staat. Volgens het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL) moet de stabiliteit van de gehele boog of latei gegarandeerd zijn. Punt. Voor de technische uitwerking van gemetselde bogen grijpen professionals naar de NEN-EN 1996-normen, ook wel bekend als Eurocode 6. Hierin staan de rekenregels voor metselwerkconstructies centraal.

Bij restauratieprojecten wordt het juridische speelveld complexer. De Erfgoedwet beschermt de esthetische en historische integriteit van monumentale gewelven. De textuur van de intrados—of het nu gaat om middeleeuwse moppen of verfijnd pleisterwerk—mag niet zonder vergunning gewijzigd worden. Vakmanschap ontmoet wetgeving. Ook tijdens de realisatie gelden strikte regels uit het Arbeidsomstandighedenbesluit. Denk aan de stabiliteit van de bekisting of het formeel. Het moment van ontkisten is aan strikte veiligheidsprotocollen gebonden om verzakking of breuk te voorkomen. Veiligheid boven alles.

Historische ontwikkeling van de intrados

Romeinse ingenieurs legden de basis. De halfronde boog. Zij perfectioneerden de techniek van het formeel, de houten hulpconstructie die de vorm van de intrados tijdens de bouw dicteerde. In de oudheid was dit binnenvlak vaak puur functioneel. Ruw metselwerk. Soms weggewerkt achter marmeren platen of dikke stuclagen. De techniek was gericht op massa en drukverdeling.

De middeleeuwen brachten een radicale omslag. Gotische bouwmeesters introduceerden de spitsboog. Hierdoor veranderde de geometrie van de intrados fundamenteel; de curve werd doorbroken door een knik in de top. Dit was niet enkel esthetisch. Het verlegde de krachtenlijn. De intrados van kerkwulven werd in deze periode vaak verrijkt met ribben, waarbij het tussengelegen vlak — de feitelijke intrados — lichter uitgevoerd kon worden met vulstenen. Vakmanschap verschoof naar de precisie van de steenhouwer.

Met de industriële revolutie transformeerde het materiaalgebruik. Gietijzeren boogbruggen verschenen. De intrados was niet langer een opeenvolging van stenen en voegen, maar een industrieel geproduceerd segment. De komst van gewapend beton in de 20e eeuw betekende de definitieve stap naar het monolithische vlak. De bekisting werd de meester van de vorm. De textuur van de intrados werd vanaf dat moment bepaald door de afdruk van de plank of de plaat, een esthetisch bijproduct van de gietmethode dat we vandaag de dag nog steeds zien bij viaducten en tunnels.

Meer over constructies en dragende structuren

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan constructies en dragende structuren