IkbenBint.nl

Kammen

Bouwkundige Onderdelen en Toebehoren K

Definitie

Het trekken van groeven in een plastisch hechtmiddel met een getande spaan of het middels uitsparingen en uitsteeksels constructief verbinden van bouwelementen.

Omschrijving

De essentie van kammen is oppervlaktevergroting en mechanische verankering. Bij lijmwerk bepaalt de vertanding van de spaan de uiteindelijke laagdikte en de verdelingsgraad van het materiaal. Een vakman kiest zijn kam zorgvuldig; de tegelgrootte en de vlakheid van de ondergrond zijn leidend. Grotere tegels? Dan is een grovere vertanding nodig voor een volledige lijmoverdracht, vaak gecombineerd met de buttering-floating methode. In de ruwbouw fungeert kammen als een constructief slot. Men spreekt hier van vertanding waarbij de tanden van de ene wand in de inkassingen van de andere grijpen. Dit is niet alleen voor de show. Het waarborgt de stabiliteit en voorkomt dat muren bij belasting simpelweg uit elkaar schuiven. De juiste techniek voorkomt luchtinsluiting en maximaliseert het contactoppervlak.

Toepassing in de praktijk

De uitvoering start bij het opzetten van een plastische massa, zoals lijm of mortel, op een stabiele ondergrond. Een getande spaan snijdt vervolgens door de materie. De rillen staan. Terwijl de spaan onder een constante hoek over het oppervlak beweegt, ontstaan er evenwijdige banen van hechtmiddel die na het plaatsen van het element worden platgedrukt tot een homogeen bed. Het is een spel van druk en hoek. Lucht ontsnapt via de open kanalen tussen de rillen. Dit voorkomt holle ruimtes onder het oppervlak. Bij grote formaten of zware belasting vindt de handeling vaak tweezijdig plaats, waarbij zowel de ondergrond als de achterzijde van het bouwelement worden voorzien van een gekamd profiel.

Bij constructieve verbindingen in het metselwerk verloopt het proces via mechanische vertanding. Men laat bouwstenen of blokken aan de beëindiging van een wand bewust verspringen. Een getand profiel blijft achter. De ene laag steekt uit, de volgende wijkt terug. Bij de aansluiting van een haakse wand vallen de koppen van de nieuwe stenen exact in deze uitsparingen. Het is een fysiek vlechtwerk. De elementen haken in elkaar. Deze handeling waarborgt dat schuifkrachten tussen wanden worden opgevangen en voorkomt het ontstaan van doorgaande verticale scheuren. De mortel vult de resterende toleranties en zorgt voor de uiteindelijke fixatie van het constructieve slot.

Varianten in de lijm- en afbouwtechniek

De vorm van de vertanding op de lijmkam bepaalt de dikte van het lijmbed en de mate waarin lucht kan ontsnappen. In de praktijk kiest men tussen vierkante, driehoekige (V-vorm) of halfronde vertandingen. Vierkante tanden zijn de standaard voor wandtegelwerk op vlakke ondergronden. Voor zware vloertegels of natuursteen wordt vaker een halfronde vertanding gebruikt; de rillen vloeien dan makkelijker in elkaar over tot een volledig gesloten lijmbed. Bij dunne mozaïektegels is een fijne V-vertanding noodzakelijk om te voorkomen dat de lijm tussen de voegen door naar buiten wordt geperst. Men spreekt ook wel van 'rillen trekken' of het aanbrengen van een ribbelprofiel. De methode verschilt bovendien in uitvoering: bij enkelzijdig kammen wordt alleen de wand of vloer ingesmeerd, terwijl bij de buttering-floating methode zowel de ondergrond als de achterzijde van de tegel worden voorzien van een gekamd profiel om maximale hechting te garanderen.

Constructieve vertandingen in het metselwerk

In de ruwbouw manifesteert kammen zich hoofdzakelijk als vertanding tussen verschillende muurdelen. Men maakt hierbij onderscheid tussen een staande en een liggende vertanding. Een staande vertanding herken je aan de stenen die om de laag uit de muur steken, wachtend op de aansluiting van een haakse wand. Het is een open verbinding. Bij een liggende vertanding wijken de stenen juist terug, waardoor er gaten vallen waar de koppen van de nieuwe muur in worden geschoven. Dit proces staat ook bekend als inkassen. Hoewel beide technieken zorgen voor een mechanisch slot, heeft de staande vertanding vaak de voorkeur bij nieuwe constructies vanwege de eenvoudige uitvoering. Naast deze traditionele methoden bestaat er ook de zaagtandvertanding, die specifiek wordt toegepast om schuifspanningen in horizontale voegen van prefab elementen op te vangen.

Houtverbindingen en profilering

Bij de verwerking van hout en plaatmaterialen komt men de term tegen in de vorm van kamverbindingen of vingerlassen. Dit zijn constructieve houtverbindingen waarbij de koppen zijn voorzien van een reeks rechthoekige of conische tanden. Ze grijpen in elkaar als gevouwen vingers. Het vergroot het lijmoppervlak spectaculair. In de timmerindustrie is dit de norm voor het verlengen van balkhout of het samenstellen van gelamineerde liggers. Een variant hierop is de tand-en-groefverbinding, waarbij over de gehele lengte van een plank een 'kam' (de messing) in een groef valt. Hoewel dit technisch gezien een doorgaande verbinding is, stoelt het op hetzelfde principe van in elkaar grijpende vormen voor stabiliteit en vlakheid.

Praktische scenario's van kammen

Een tegelzetter werkt aan een badkamervloer met grootformaat keramiek van 60 bij 60 centimeter. Hij hanteert een lijmkam met een vierkante vertanding van 10 millimeter. De lijm wordt in rechte, strikt evenwijdige banen op de zandcementvloer getrokken. Geen cirkels. Door de zware tegel in het verse lijmbed te leggen en kort heen en weer te schuiven, worden de rillen platgedrukt. De lucht ontsnapt via de open geulen tussen de banen. Het resultaat? Een honderd procent dekkend lijmbed zonder verraderlijke luchtinsluitingen die later voor breuk kunnen zorgen.

Constructief slot in de ruwbouw

Bij de realisatie van een aanbouw wordt een nieuwe halfsteensmuur haaks op een bestaande gevel geplaatst. De metselaar hakt in de bestaande gevel om de twee lagen een kop uit de muur. Er ontstaat een trapvormig profiel in de oude wand. Dit is de inkassing. De nieuwe stenen vallen hier als de tanden van een kam precies in. Dit mechanische slot vangt schuifkrachten op. Zelfs als de fundering van de aanbouw iets anders reageert dan de hoofdbouw, blijft de verbinding dankzij deze vertanding intact en wordt scheurvorming op de overgang beperkt.

Vingerlassen in de timmerfabriek

In een timmerfabriek worden korte stukken foutvrij grenenhout samengevoegd tot lange kozijnprofielen. De uiteinden van de houtdelen worden door een freesmachine voorzien van een reeks conische tanden. Deze 'vingers' grijpen perfect in elkaar. Na het aanbrengen van lijm en het onder hoge druk samenpersen, is de verbinding nauwelijks zichtbaar. Door dit fijnmazige kammen is het lijmoppervlak vele malen groter dan bij een kops-op-kopse verbinding, waardoor de balk zijn constructieve stijfheid behoudt over de volle lengte.

Wet- en regelgeving

Constructieve veiligheid en normering

Stabiliteit is geen suggestie. Het is een harde eis in het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Voor metselwerkverbindingen, waarbij kammen in de vorm van vertanding cruciaal is, vormt NEN-EN 1996 (Eurocode 6) het wettelijke kader. Deze norm stelt specifieke eisen aan de overdracht van schuifkrachten tussen wanddelen. Een constructeur rekent op de mechanische samenhang die door correcte vertanding ontstaat. Zonder deze borging voldoet een constructie simpelweg niet aan de fundamentele veiligheidseisen voor de draagstructuur. Slechte uitvoering leidt tot instabiliteit.

Richtlijnen voor afwerking

Bij tegelwerk is de techniek van het kammen gebonden aan uitvoeringsrichtlijnen zoals NEN 2743. Deze norm specificeert de kwaliteit van keramische vloer- en wandafwerkingen. Een holle ruimte onder een tegel door onjuist kammen geldt technisch als een gebrek. In commerciële ruimtes of bij zware belasting eist de norm vaak een nagenoeg volledig gesloten lijmbed. De keuze voor de juiste vertanding is hier geen kwestie van smaak. Het is een noodzaak om aan de technische prestatie-eisen te voldoen. Lijmproducten zelf moeten bovendien gecertificeerd zijn volgens NEN-EN 12004. De classificatie van de lijm, zoals C1 of C2, heeft direct invloed op de open tijd en de standtijd van de getrokken rillen tijdens het werk.

De evolutie van de vertanding

Kammen begon bij de baksteen. Een noodzaak voor groei. Middeleeuwse vestingbouwers lieten muren 'tanden' om later verder te kunnen bouwen zonder dat de verbinding losliet. Het fungeerde als een constructieve verzekering tegen zettingsscheuren. Pas veel later, rond de jaren vijftig van de vorige eeuw, transformeerde de techniek binnen de afbouw sector door de opkomst van chemische hechtmiddelen. De traditionele dikbedmortel, waarbij tegels in een dikke laag specie werden geklopt, maakte plaats voor dunbedlijmen.

Met een platte spaan kreeg de vakman echter geen grip op de exacte laagdikte en ontstonden er vaak luchtinsluitingen die de hechting ondermijnden. De getande spaan loste dit op. Het was de geboorte van de rillen-techniek; een innovatie die snelheid en betrouwbaarheid in de tegelzetterij introduceerde. Parallel hieraan ontwikkelde de houtindustrie methoden om resthout te hergebruiken en overspanningen te vergroten. Handmatige verbindingen maakten plaats voor de industriële vingerlas. De kam werd fijner. De precisie nam toe. Wat begon als een grove inkassing in een middeleeuwse muur, eindigde als een geoptimaliseerd profiel in moderne lijm- en houttechnieken.

Meer over bouwkundige onderdelen en toebehoren

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan bouwkundige onderdelen en toebehoren