IkbenBint.nl

Klopboor

Gereedschap en Apparatuur K

Definitie

Een elektrische boormachine die een roterende beweging combineert met een mechanische klopfunctie in de lengterichting om door steenachtige materialen te dringen.

Omschrijving

Het mechanisme van een klopboor berust op twee getande schijven die over elkaar ratelen. Zodra de gebruiker druk geeft, grijpen deze tanden in elkaar en ontstaat de kloppende beweging. Dit is geen brute kracht zoals bij een pneumatische hamer, maar een snelle opeenvolging van lichte tikken. Ideaal voor metselwerk. Voor hout of metaal schakelt men de klopfunctie simpelweg uit. Het toerental ligt bij een klopboor vaak hoger dan bij een boorhamer, wat gunstig is voor kleinere diameters in zachtere steen. Druk uitoefenen is bittere noodzaak voor een goed resultaat.

Toepassing en uitvoering in de praktijk

De interactie met het materiaal start bij de handmatige activering van de klopfunctie via de keuzeschakelaar op de machinebehuizing. Druk is hierbij de bepalende factor. Zodra de boorpunt het oppervlak raakt, dwingt de gebruiker de interne ratelschijven tegen elkaar aan, waardoor de booras met een hoge frequentie naar voren en naar achteren beweegt terwijl de rotatie de afgebroken deeltjes direct wegvoert. De machine doet het werk niet autonoom; de voortgang is inherent verbonden aan de fysieke kracht die op de achterzijde van het apparaat wordt uitgeoefend.

Het proces begint meestal met een laag toerental om het wegvloeien van de boorpunt te voorkomen. Pas wanneer de eerste millimeters materiaal zijn weggehakt, wordt de rotatiesnelheid opgevoerd. Bij metselwerk of kalkzandsteen resulteert dit in een snelle opeenvolging van lichte slagen die de structuur van de steen verpulveren. Voor metaal of hout wordt deze mechanische vibratie juist volledig gedeactiveerd. De overgang tussen verschillende materialen in een constructie vereist daarom een constante alertheid van de bediener om de instellingen tijdig aan te passen. Tijdens het bereiken van de gewenste diepte blijft de boor doorgaans roteren bij het terugtrekken, wat helpt om achtergebleven boormeel uit het boorgat te transporteren.

Variaties in aandrijving en krachtbron

Snoer versus accu

De klassieke klopboor op netspanning blijft de standaard voor langdurige werkzaamheden waarbij een constant hoog toerental vereist is. Geen gedoe met lege batterijen. De machine levert ononderbroken kracht voor series gaten in harde steensoorten. Daartegenover staat de accuklopboor. Maximale mobiliteit. Essentieel op de steiger of op locaties zonder directe stroomvoorziening. Hoewel moderne lithium-ion accu's indrukwekkende prestaties leveren, blijft het toerental van een machine op 230 volt vaak superieur voor het fijnere klopwerk in metselwerk.

Er bestaat een subtiel onderscheid tussen de accuboormachine met klopfunctie en de specifieke klopboormachine. De eerste is een allrounder met een lichte ratel. De tweede is een krachtpatser, volledig geconstrueerd rondom het mechanische slagwerk. Voor de professional is dit verschil merkbaar in de levensduur van de interne tandwielen.

Mechanische transmissie en versnellingen

Enkele versus dubbele versnelling

Goedkopere modellen beschikken vaak over slechts één toerentalbereik. Beperkend. Een machine met twee mechanische versnellingen biedt daarentegen veelzijdigheid. De lage versnelling. Hoog koppel, laag toerental. Dit is de stand voor grote diameters en zware schroefklussen in hout of metaal. Schakel over naar de tweede versnelling en de machine transformeert. Het toerental schiet omhoog, de klopfrequentie stijgt mee. Juist deze hoge frequentie is noodzakelijk om effectief door kalkzandsteen of baksteen heen te komen.

Onderscheid met de boorhamer

Mechanisch versus pneumatisch

Verwarring troef in de bouwmarkt. De klopboor wordt vaak verward met de boorhamer, maar het werkingsprincipe is fundamenteel anders. Een klopboor, ook wel slagboormachine genoemd, gebruikt twee ratelende schijven. De gebruiker moet duwen. Hard duwen. Bij een boorhamer zorgt een pneumatisch mechanisme voor de slagkracht. De machine doet het werk, de gebruiker begeleidt slechts.

Klopboormachines zijn de koning van de precisie in zachtere steen. Voor beton schieten ze tekort. De mechanische tanden kunnen de weerstand van kiezelstenen in beton simpelweg niet aan zonder oververhit te raken. Voor metselwerk, tegels en diverse montagewerkzaamheden blijft de klopboor echter de meest nauwkeurige keuze.

Praktijkvoorbeelden

Stel, een elektricien monteert kabelgoten op een wand van kalkzandsteen. Hij zet zijn klopboor in de tweede versnelling. Het toerental is hoog. Met een lichte, constante druk boort hij vlot een serie gaten van 6 millimeter. De machine ratelt fel. De gaten zijn strak en precies, zonder dat de steen rondom de opening afbrokkelt.

Een heel andere situatie doet zich voor bij het plaatsen van een houten regelwerk tegen een gemetselde gevel. De vakman boort eerst met een houtspiraalboor door het vuren hout. De klopfunctie is gedeactiveerd. Zodra de boorpunt het harde metselwerk raakt, wisselt hij de boor voor een steenboor en klikt de schakelaar op de hamerstand. Hij zet zijn schouder tegen de machine. De mechanische weerstand verandert direct in een effectieve, trillende beweging die zich een weg baant door de baksteen.

Bij montage op kwetsbare ondergronden, zoals keramische tegels in een toiletgroep, bewijst de klopboor zijn finesse. De installateur begint zonder klopfunctie om de glazuurlaag niet te verbrijzelen. Pas wanneer de boor de zachtere achterwand bereikt, schakelt hij de klopstand in. Kortstondige pulsen. Geen brute kracht, maar beheerste impact om de plugvastheid te garanderen zonder de tegel te splijten.

Veiligheidsrichtlijnen en CE-markering

Veiligheid op de werkvloer begint bij de machine zelf. Elke klopboor die binnen de Europese Unie wordt verhandeld, moet voldoen aan de Machinerichtlijn 2006/42/EG. Dit is geen vrijblijvend advies. De bijbehorende CE-markering op de behuizing fungeert als bewijs dat de fabrikant alle relevante veiligheidseisen heeft getoetst. Van elektrische isolatie tot de mechanische stabiliteit van de boorkop. Voor snoergebonden machines is daarnaast de Laagspanningsrichtlijn van kracht, terwijl accugevoede varianten moeten voldoen aan specifieke regels omtrent elektromagnetische compatibiliteit (EMC).

Arbeidsomstandigheden: Trilling en geluid

Trillingen vormen een sluipend risico voor de vakman. De Arbowet stelt daarom strikte eisen aan de blootstelling aan hand-armtrillingen. De norm NEN-EN-ISO 5349 biedt hierbij het kader voor het meten en beoordelen van deze mechanische trillingen. Fabrikanten zijn verplicht de trillingswaarde in de technische specificaties te vermelden. Bij langdurig gebruik van de klopfunctie kan de grenswaarde voor dagelijkse blootstelling snel worden bereikt. De werkgever moet dan maatregelen nemen. Denk aan kortere werktijden of trillingsdempende handschoenen.

Geluidsoverlast is een tweede punt van aandacht. Een klopboor in bedrijf overschrijdt vrijwel altijd de grens van 80 tot 85 dB(A). De Richtlijn 2003/10/EG schrijft voor dat vanaf deze waarden gehoorbescherming beschikbaar moet zijn of zelfs verplicht gedragen moet worden. Het gaat om preventie. Gehoorschade is immers onomkeerbaar.

Periodieke keuringen en onderhoud

Elektrisch handgereedschap op de bouwplaats mag niet zomaar jarenlang onbeheerd rondzwerven. De NEN 3140 is in Nederland de leidende norm voor de veilige bedrijfsvoering van elektrische installaties en arbeidsmiddelen. Voor een klopboor betekent dit een periodieke visuele inspectie en een elektrische beproeving. De isolatieweerstand wordt gemeten. De aardleiding, indien aanwezig, wordt gecontroleerd. Een goedgekeurde machine krijgt een keuringssticker. Ontbreekt deze? Dan mag de machine officieel niet worden ingezet op professionele projecten. Veiligheid is een continu proces, geen eenmalige vinklijst.

Historische ontwikkeling van het mechanisch kloppen

De evolutie van de klopboor is onlosmakelijk verbonden met de naoorlogse woningbouw. Voorheen was de vakman aangewezen op de booromslag of de handmatige steenbeitel. Tijdrovend. Fysiek uitputtend. De vroege elektrische boormachines boden in de jaren 20 en 30 louter rotatie, wat in hard metselwerk tot verbrande boorkoppen leidde. Pas halverwege de twintigste eeuw werd het mechanische ratelprincipe geïntegreerd in handzame, elektrische gereedschappen.

Deze innovatie baseerde zich op een eenvoudige maar doeltreffende techniek van twee getande stalen schijven. Het systeem bleek perfect voor de opkomst van kalkzandsteen en baksteen in de jaren 50. In de decennia die volgden, verschoof de focus naar veiligheid en hanteerbaarheid. Metaalgegoten behuizingen maakten plaats voor dubbelgeïsoleerde kunststoffen. De introductie van elektronische toerentalregeling in de jaren 70 vormde een volgende mijlpaal. Hiermee kon voor het eerst nauwkeurig worden aangezet in kwetsbaar materiaal zonder direct de klopfunctie op volle kracht te benutten.

Met de opkomst van de accutechnologie in de late jaren 90 veranderde de dynamiek op de bouwplaats opnieuw. Waar de eerste generaties snoerloze machines vaak tekortschoten in slagkracht, zorgde de overstap van nikkel-cadmium naar lithium-ion voor de definitieve doorbraak. De klopfrequentie werd constant, ongeacht de acculading. Vandaag de dag is de klopboor uitgegroeid van een specialistische machine tot het meest basale elektrische gereedschap in elke gereedschapskist, waarbij de mechanische overbrenging in de basis nog steeds stoelt op de vroege ratelprincipes uit de wederopbouwperiode.

Meer over gereedschap en apparatuur

Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan gereedschap en apparatuur