Maisonnette
Definitie
Een maisonnette is een woning binnen een groter gebouw die zich over minimaal twee verdiepingen uitstrekt, onderling verbonden door een vaste binnentrap.
Omschrijving
Constructieve en technische uitvoering
De realisatie van een maisonnette begint bij de constructieve onderbreking van de horizontale scheiding tussen twee bouwlagen. In de ruwbouw worden sparingen uitgespaard voor de interne trapverbinding. Betonvloeren vragen hierbij om ravelingen. Deze lokale verstevigingen in de wapening vangen de krachten op rondom de trapgatopeningen. De interne trap wordt meestal als prefab element geplaatst zodra de ruwbouw van beide lagen is voltooid.
Installatietechnisch worden verticale schachten voor riolering, water en ventilatie doorgezet door de gestapelde eenheid. Alles wordt gebundeld. De technische infrastructuur doorkruist de woning op vaste punten. Bij de uitvoering van de gevel weerspiegelt de indeling vaak de interne zonering van de ruimtes. Grote glasoppervlakken wisselen af met dichte borstweringen, afhankelijk van de positie van de leefruimtes en de slaapvertrekken. Brandveiligheidstechnisch wordt de woning uitgevoerd als een enkel subcompartiment. De interne trap fungeert hierbij als de primaire vluchtweg naar het ontsluitingsniveau in de gemeenschappelijke kern. Er zijn minder toegangsdeuren nodig. De focus ligt op de verticale integratie binnen de eigen schil.
Typologieën en ruimtelijke indeling
Indelingsvarianten
De klassieke maisonnette spiegelt de hiërarchie van de eengezinswoning. Woonfuncties onder, rustfuncties boven. Echter, de omgekeerde maisonnette wint terrein in stedelijke herontwikkeling. De entree bevindt zich hier op de hoogste woonlaag. De slaapkamers liggen een verdieping lager. Dit type wordt vaak ingezet om de woonkamer te koppelen aan een dakterras of om te profiteren van superieur lichtinval op de bovenste verdieping van een bouwblok.
Galerij-maisonnettes vormen een specifieke variant binnen de hoogbouw. De ontsluiting geschiedt via een open galerij aan de gevelzijde. Omdat de woning zich over twee lagen uitstrekt, kan de plattegrond op de verdieping waar geen galerij loopt over de volle breedte van het gebouw worden benut. Dat geeft kansen voor doorzonkamers. Maximale lichtopbrengst. Geen inkijk van passanten. De architectuur wordt hier gedicteerd door de logistiek van de collectieve ontsluiting.
Terminologie en grensgevallen
Duplex en andere begrippen
Synoniemen zorgen vaak voor ruis. In de Belgische bouwkunst spreekt men vrijwel uitsluitend van een duplex. In de Nederlandse context heeft duplex een historische bijsmaak; het verwijst vaak naar naoorlogse noodwoningen waarbij één eengezinswoning tijdelijk werd gesplitst in twee kleine eenheden. De term maisonnette is hier de technisch correcte benaming voor de permanente meerlaagse woning in een complex.
Verwarring met split-level woningen is eveneens groot. Een split-level werkt met halve verdiepingshoogtes. Kleine sprongen. Niveauverschillen zonder volledige scheiding van bouwlagen. Een maisonnette vereist echt een volledige verdiepingshoogte per laag en een duidelijke verdiepingsscheiding. Ook het verschil met een penthouse is relevant. Een penthouse is de bekroning van een gebouw, vaak luxueus en vrijstaand op de bovenste laag, maar het hoeft geen maisonnette te zijn. Alleen als het penthouse twee woonlagen beslaat, vallen beide definities samen. Een hybride vorm. Compact wonen met verticale ambitie.
Praktijksituaties en herkenning
Stel je een naoorlogs galerijcomplex voor. De lift stopt alleen op de tweede en de vierde verdieping. Je loopt de galerij af en opent de voordeur. Je staat in de hal. Rechts de keuken, recht voor je de trap naar boven. Terwijl je boven de was ophangt, hoor je beneden de radio. Geen buren direct boven je hoofd op de slaapverdieping, alleen je eigen dak. Dit is de klassieke maisonnette-ervaring. Efficiëntie en privacy gaan hier hand in hand.
De omgekeerde route
In moderne stadsvernieuwing zie je vaak het tegenovergestelde. De entree ligt op de bovenste laag van het blok. Je stapt binnen in een lichte woonkamer met openslaande deuren naar een dakterras. Het uitzicht is weids. De trap voert je vervolgens naar beneden. Daar bevinden zich de slaapkamers, genesteld in de rustigere en vaak koelere kern van het gebouw. Een slimme indeling voor wie leeft op de zon en rust zoekt in de basis.
In een verbouwde fabriekshal zie je vaak een variant met vide. De trap verbindt de robuuste gietvloer beneden met de houten slaapverdieping boven. Vanaf je bed kijk je over de balustrade zo de diepe zithoek in. Eén grote, verticale ruimte. Het licht van de metershoge ramen stroomt ongehinderd door beide lagen.
Wet- en regelgeving
De juridische basis voor de realisatie en bewoning van een maisonnette ligt verankerd in het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Brandveiligheid staat hierbij centraal. Een maisonnette wordt binnen de regelgeving doorgaans beschouwd als één subcompartiment. Dit heeft directe gevolgen voor de vluchtwegen. De interne trap is onderdeel van de vluchtroute; de afstand van het verste punt op de slaapverdieping tot aan de uitgang op de ontsluitingslaag mag de wettelijk vastgestelde meters niet overschrijden. Wordt deze afstand te groot? Dan eist het BBL extra brandwerende scheidingen of detectiesystemen. Veiligheid is geen optie maar een voorschrift.
Voor de bepaling van de gebruiksoppervlakte is NEN 2580 de dwingende norm. Hier ontstaat vaak verwarring bij maisonnettes met een vide. Ruimtes met een vrije hoogte van minder dan 1,50 meter tellen niet mee voor het gebruiksoppervlak. Belangrijker nog: vides of vloeruitsparingen groter dan 4 m² worden bij de oppervlakteberekening in mindering gebracht. Wat optisch ruimtelijk oogt, telt op papier dus niet altijd mee. Dit beïnvloedt direct de WOZ-waarde en de verkoopprijs.
Juridisch bezit is geregeld via de splitsingsakte en het splitsingsreglement van de Vereniging van Eigenaren (VvE). Een maisonnette is een appartementsrecht. De akte bepaalt exact welke delen privé zijn en welke gemeenschappelijk. De draagconstructie en de vloerscheidingen, inclusief de constructieve raveling rondom het trapgat, behoren vrijwel altijd tot de gemeenschappelijke delen. De interne trap zelf wordt daarentegen meestal als privé-eigendom aangemerkt. Onderhoud aan de trap is voor de bewoner, maar ingrepen in de vloerconstructie voor bijvoorbeeld een trapverplaatsing vereisen expliciete toestemming van de VvE. De regels zijn strikt om de constructieve integriteit van het gehele casco te waarborgen.
Ontstaan en de naoorlogse versnelling
De maisonnette vond haar fundament in de vroege twintigste-eeuwse zoektocht naar stedelijke verdichting zonder verlies van de burgerlijke woonervaring. Architecten zochten naar manieren om de kwaliteiten van een eengezinswoning te vertalen naar gestapelde bouw. De echte doorbraak kwam echter pas tijdens de wederopbouwperiode na de Tweede Wereldoorlog. Het was bittere noodzaak. Efficiëntie dicteerde de vormgeving. Door woningen over twee lagen te spreiden, konden ontwerpers het aantal galerijen en liftstoppunten in een gebouw halveren. Dit zogenaamde ‘skip-stop’ principe bespaarde aanzienlijk op bouwkosten en kostbare verkeersruimte in het casco.
Technisch gezien werd dit mogelijk door de opkomst van de betonvloer. Waar houten balklagen nog beperkingen gaven in de verticale koppeling, boden gewapende betonconstructies de vrijheid om strategisch trapgaten uit te sparen zonder de stabiliteit van de gevel aan te tasten. In de jaren vijftig en zestig werd de maisonnette hierdoor het standaardinstrument voor de sociale woningbouw in Nederland. Gezinswoningen konden zo op grote schaal worden gestapeld. Het bood een antwoord op de enorme woningnood. Een compacte, verticale machine voor het wonen.
Modernisering en marktverschuiving
Vanaf de jaren negentig verschoof de focus. De functionele, vaak krappe maisonnette uit de wederopbouw maakte plaats voor meer ruimtelijke experimenten in de luxe sector. Herbestemming van industrieel erfgoed speelde hierin een sleutelrol. Oude fabrieken met hoge plafonds boden de perfecte schil voor meerlaagse appartementen. De introductie van de vide veranderde de beleving radicaal. Het ging niet langer alleen om het besparen van een liftstop. Ruimtelijkheid en lichtinval werden de leidende principes. De trap werd van een noodzakelijk kwaad een architectonisch object. Tegenwoordig ziet men in stedelijke vernieuwingsprojecten vaak een hybride vorm waarbij commerciële plinten op de begane grond worden gecombineerd met maisonnettes daarboven, wat zorgt voor een levendige en sociaal veilige overgang tussen straat en privéwoning.
Gebruikte bronnen
- https://puurmakelaars.nl/blog/welke-woningtypes-en-soorten-woningen-zijn-er/
- https://www.vhmmakelaars.nl/woning-definities/
- https://winvestmakelaardij.nl/verschillende-type-woningen/
- https://www.huurstunt.nl/begrippen/wat-is-een-maisonnette-woning
- https://watismijnhuiswaard.com/wat-is-een-maisonnette-woning/
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_woningtypen
- https://huisjesmagazine.nl/wat-is-een-maisonnette-woning/
- https://www.encyclo.nl/begrip/gebouwtypologie
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Huis_(woning
- https://architectureforlondon.com/news/what-is-a-maisonette/
- https://sergeschoemaker.com/works/amsterdam-maisonnette
- https://sergeschoemaker.com/nl/works/maisonnette-amsterdam
- https://archello.com/de/project/amsterdam-maisonnette
- https://fivmagazine.nl/maisonette-flat-architectuur-voordelen-nadelen-huren-of-kopen/
Meer over grondwerken en funderingen
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan grondwerken en funderingen