Raam
Definitie
Een raam is het beweegbare of vaste kader binnen een kozijn waarin glas of een andere lichtdoorlatende vulling is gevat.
Omschrijving
Uitvoering
De fabricage van een raam vangt aan met de nauwkeurige profilering van het basismateriaal. Hout, aluminium of kunststof wordt op maat gezaagd. Bij houten ramen domineert de traditionele pen-en-gatverbinding of een moderne deuvelverbinding, waarbij lijmverbindingen voor de nodige starheid zorgen. Kunststof profielen worden daarentegen in verstek gezaagd en middels thermisch lassen in de hoeken versmolten. Precisie regeert. Een raam dat niet exact haaks is, zal later in de bouwfase onvermijdelijk klemmen of tocht doorlaten.
Na de assemblage van het kader volgt de beglazing. Men plaatst de ruit in de sponning. Hierbij zijn stelblokjes essentieel; zij positioneren het glas en dragen het gewicht over naar de scharnierzijde van het raamhout. Dit voorkomt uitzakken. Glaslatten sluiten de vulling op. Het raam wordt vervolgens 'afgehangen' in het kozijn. Dit vereist het inkrozen of opschroeven van scharnieren en het monteren van het sluitsysteem. Bij moderne draaikiepramen wordt een complex stangenstelsel rondom de omtrek van het raam geplaatst. De laatste handeling in het werk is de fijninstelling. Door het hang- en sluitwerk na te stellen, wordt gewaarborgd dat de kaderdichtingen overal gelijkmatig aansluiten op het kozijn voor een optimale luchtdichtheid.
Functionele typen en openingswijzen
Beweging als onderscheidende factor
Ramen laten zich het best categoriseren op basis van hun mechanica. Het vaste raam is de meest sobere vorm; het glas is direct in het kozijn of in een niet-te-openen kader geplaatst. Zodra er beweging gewenst is, verschuift de terminologie naar de wijze van scharnieren. Een draairaam scharniert aan de verticale zijde en draait meestal naar binnen (voor eenvoudige reiniging) of naar buiten (traditioneel in Nederland).
Een valraam heeft de scharnieren aan de onderzijde. De bovenzijde valt naar binnen, wat het type bij uitstek geschikt maakt voor ventilatie in toiletten of badkamers. Het klepraam – vaak verward met het valraam – scharniert juist aan de bovenzijde en drukt de onderzijde naar buiten weg. In de moderne woningbouw domineert echter het draaikiepraam. Dit is een hybride constructie die beide functies combineert via één centrale bedieningshendel.
| Type | Scharnierpunt | Draairichting |
|---|---|---|
| Taatsraam | Centrale as (horizontaal/verticaal) | Roteert om het midden |
| Schuifraam | Geleiders | Horizontaal of verticaal glijdend |
| Stolpraam | Zijkant (dubbel) | Twee delen die tegen elkaar sluiten zonder tussenstijl |
| Uitzet-tuimelraam | Bovenzijde/Midden | Specifiek voor dakramen |
Terminologische nuances en verwarring
In de dagelijkse spraak worden 'raam' en 'kozijn' vaak door elkaar gehaald. Foutief. De vakman weet: het kozijn staat vast in de muur, het raam is het element dat erin wordt gehangen. Soms hoort u de term vleugel vallen. Dit is technisch gezien hetzelfde als een raam, maar wordt vaker gebruikt bij kunststof of aluminium systemen om het bewegende deel aan te duiden.
Let ook op het blind raam. Dit is geen echt raam, maar een dichtgemetselde nis in een gevel die de suggestie van een venster wekt, vaak toegepast om de symmetrie van een gebouw te behouden zonder daadwerkelijk een opening te maken. Ook het bovenlicht verdient vermelding; dit is het kleine (vaak vaste) raam boven een deur of een groter raam, gescheiden door een kalf (een horizontale tussendorpel van het kozijn). Verwarring ontstaat ook regelmatig bij het stolpraam. Hierbij sluiten twee ramen tegen elkaar aan. De 'sluitstijl' zit vast aan één van de ramen, waardoor er bij volledige opening geen storende middenstijl in het zicht blijft staan. Een prachtig staaltje techniek, maar wind- en waterdichtheid vragen hier extra aandacht.
Praktijkvoorbeelden en herkenbare situaties
Bij een inspectie van een jaren '30 woning valt de focus op de onderdorpel van het raamhout. Hier zie je vaak de eerste tekenen van achterstallig onderhoud. Het raam zelf vertoont houtrot door gebrekkige afwatering langs de glaslatten, terwijl het omringende kozijn nog kerngezond in de muur vastzit. Een klassiek onderscheid tussen het bewegende deel en de vaste omlijsting.
In een modern appartement op de tiende verdieping is het draaikiepraam de standaard. De bewoner zet het raam 's nachts op de valstand voor tochtvrije ventilatie, maar gebruikt de draaistand uitsluitend om de buitenkant van het glas veilig van binnenuit te lappen. Veiligheid en gemak gecombineerd in één mechanisme.Denk ook aan een renovatie waarbij enkel glas wordt vervangen door zwaar HR++ glas. De glaszetter controleert hierbij direct de staat van de scharnieren en het raamhout; het extra gewicht van de dubbele ruit mag de constructie immers niet laten doorhangen, waardoor het raam bij het sluiten over de dorpel van het kozijn zou schrapen.
Normering en wettelijke kaders
Het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) is onverbiddelijk wanneer het gaat om de prestatie-eisen van ramen. Een raam is juridisch meer dan een doorkijkje. Het is een cruciaal instrument voor het realiseren van de wettelijk verplichte daglichttoetreding en ventilatie. Zonder een raam dat voldoet aan de berekeningen volgens NEN 2057 mag een ruimte vaak niet eens als verblijfsruimte worden aangemerkt. Ventilatie is een ander verhaal. Hierbij telt alleen het beweegbare deel. De netto doorlaat moet aansluiten bij de eisen uit NEN 1087. Is het raam te klein of opent het onvoldoende? Dan hapert de luchtverversing.
Veiligheid regeert in de details. NEN 3569 richt zich specifiek op letselbeperking. Glas in ramen dat lager dan 85 centimeter boven de vloer begint, moet in de regel uitgevoerd zijn als veiligheidsglas. Dit voorkomt ernstige snijwonden bij een onverhoopte val door de ruit. Daarnaast stelt het BBL eisen aan de inbraakwerendheid van bereikbare ramen. Weerstandsklasse 2 (RC2) is hier de standaard. Dit betekent dat zowel het raamprofiel als het hang- en sluitwerk getest moeten zijn volgens NEN 5096.
De energetische waarde, uitgedrukt in de U-waarde, is sinds de invoering van de BENG-eisen strenger dan ooit. Een raam moet niet alleen wind- en waterdicht zijn conform NEN 3660 en NEN 3661, maar ook warmte binnenhouden. De CE-markering is daarbij verplicht. Het is het bewijs dat het raam voldoet aan de Europese geharmoniseerde productnorm EN 14351-1. Geen label, geen legale verhandeling op de bouwmarkt.
Van windoog naar technische schil
De oorsprong van het raam ligt in het 'windoog', een eenvoudige opening in de wand voor licht en lucht. In de middeleeuwse bouwpraktijk waren deze openingen klein en vaak ongeglazuurd. Indien er wel glas werd gebruikt, dwong de beperkte productiegrootte van glas tot het gebruik van glas-in-loodpanelen, gevat in zware houten of ijzeren kaders. De technische evolutie versnelde in de 17e eeuw met de introductie van het schuifraam in de Lage Landen. Dit systeem, werkend met gewichten en katrollen, verving de eerdere kruiskozijnen en maakte grotere glasoppervlakken mogelijk. Het raam werd hiermee een bepalend architectonisch element in de stedelijke gevel.
De 19e-eeuwse industrialisatie bracht gewalst staal. Slanke profielen deden hun intrede in fabrieken en later in de woningbouw, wat de weg vrijmaakte voor het modernisme. De Woningwet van 1901 markeerde een juridisch keerpunt. Voor het eerst werden minimale eisen gesteld aan daglichttoetreding en ventilatie. Gezondheid werd een ontwerpparameter. Na de oliecrisis in de jaren '70 veranderde de rol van het raam fundamenteel. De focus verschoof van louter transparantie naar thermische isolatie. Waar het enkelglas eeuwenlang de standaard was, dwong de roep om energiebesparing de sector naar dubbelglas en later naar drievoudige beglazing. Houten profielen werden zwaarder om dit gewicht te dragen, terwijl kunststof en aluminium opkwamen als onderhoudsarme alternatieven met complexe, meerkamer-profielsystemen. Het raam evolueerde zo van een simpel gat in de muur naar een hoogtechnologisch onderdeel van de klimatologische gebouwschil.
Meer over bouwtechnieken en methodieken
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan bouwtechnieken en methodieken