Smeerinstallatie
Definitie
Een mechanisch systeem dat smeermiddelen zoals olie of vet gecontroleerd transporteert naar bewegende machineonderdelen om wrijving, hitte en slijtage te minimaliseren.
Omschrijving
Werking en uitvoering
Functionele procesgang
Centrale aansturing regeert het systeem. Vanuit een centraal reservoir perst een elektrische of pneumatische pomp het smeermiddel onder gecontroleerde druk door een vertakt netwerk van leidingen. Geen handmatige tussenkomst nodig. De frequentie van deze smeercycli wordt doorgaans bepaald door de actuele draaiuren van de machine of vooraf ingestelde tijdsintervallen via een geautomatiseerde besturingseenheid.
Verdeelblokken vormen de kern van de distributie. Deze componenten splitsen de hoofdlading op in exact gedoseerde hoeveelheden voor elk individueel smeerpunt. Bij progressieve systemen volgt de vetstroom een dwingende route; de plunjers in het verdeelblok bewegen achtereenvolgens, waardoor elk punt gegarandeerd aan de beurt komt. Smeren onder last. Het smeermiddel bereikt de wrijvingsoppervlakken terwijl de onderdelen in volle beweging zijn, wat resulteert in een gelijkmatige filmopbouw over de volledige omtrek van lagers, pennen en bussen. Sensoren monitoren de beweging van de plunjers of de systeemdruk om de integriteit van de cyclus te bevestigen. Zodra de cyclus is voltooid, ontlast het systeem de hoofdleiding, klaar voor de volgende ronde. Bij een blokkade stagneert de vloeistofstroom direct, waarna het systeem een foutmelding genereert naar de operator.
Systeemarchitectuur en toepassingsgebieden
Verschillen in distributie en bewaking
De keuze voor een specifieke smeerinstallatie hangt nauw samen met de kritische aard van de machineonderdelen en de fysieke omvang van de installatie. In de bouw en infra zien we hoofdzakelijk drie varianten die elk hun eigen logica volgen.
| Type systeem | Kenmerk | Typische toepassing |
|---|---|---|
| Progressief systeem | Serieel geschakeld; elk punt komt verplicht aan de beurt. | Graafmachines, wielladers, compacte betonpompen. |
| Enkelleidingsysteem | Parallel geschakeld met injectoren; punten werken onafhankelijk. | Lichte industrie, machines met variabele aantallen smeerpunten. |
| Tweeleidingsysteem | Twee hoofdleidingen wisselen druk af; voor grote afstanden. | Stationaire betoncentrales, overslagkranen, zware industrie. |
Progressieve systemen zijn de standaard voor mobiel materieel. De dwingende volgorde van de plunjers zorgt voor een natuurlijke bewaking. Als een lager geen vet accepteert, blokkeert de gehele vetstroom. De druk loopt op, het overdrukventiel spreekt aan en de machinist ziet direct dat er iets mis is. Veiligheid door dwang. Niets wordt overgeslagen. Bij enkelleidingsystemen is dat anders. Daar krijgt elk punt via een eigen injector vet. Valt een nippel eraf of raakt een leiding verstopt? De rest blijft functioneren, maar dat ene kritieke punt loopt ongemerkt droog. Dit vraagt om een scherpere visuele controle.
Tweeleidingsystemen vormen de zware categorie. Ze overbruggen moeiteloos afstanden tot 60 meter of meer. Ideaal voor uitgebreide installaties waar honderden smeerpunten verspreid liggen. De wisselwerking tussen de twee hoofdleidingen garandeert dat de doseerelementen ook bij temperatuurschommelingen en dikker vet betrouwbaar blijven functioneren.
Mediumvarianten en specifieke uitvoeringen
Niet elke installatie verwerkt hetzelfde smeermiddel. Hoewel vetsmering (meestal NLGI-klasse 2) dominant is voor zwaar belaste pennen en bussen, wordt voor snel draaiende lagers of kettingen vaak gekozen voor oliesmering. Olie koelt beter en voert vervuiling sneller af, maar vereist een betere afdichting van de behuizing. Een nichevariant is de olie-luchtsmering. Hierbij transporteert een luchtstroom kleine druppels olie naar het smeerpunt. Dit creëert een lichte overdruk in het lagerhuis, wat binnendringend stof en vocht effectief buiten de deur houdt. Essentieel bij sloophamers of boorinstallaties die in extreem stoffige condities opereren.
Praktijkscenario's van automatische smering
Stel je een rupsgraafmachine voor in een stoffige zandput. De giek maakt duizenden bewegingen per dag. Terwijl de machinist zich concentreert op het graafwerk, perst de pomp op de achterwagen exact elke dertig minuten een klein beetje vet naar de hoofdpennen. Er ontstaat een glimmende vetkraag rondom de verbindingen. Dit is de 'levende afdichting'. Het houdt schurend zand buiten de bus, waardoor de levensduur van de dure pennen verdubbelt zonder dat de machine één minuut hoeft stil te staan.
Smeren op hoogte en afstand
Bovenin een torenkraan is de draaikrans het hart van de machine. Smeren op zestig meter hoogte is een hachelijke en tijdrovende klus met een handmatige vetspuit. Hier bewijst de installatie haar nut door de draaikransvertanding continu van een dunne film te voorzien. De monteur hoeft enkel periodiek het centrale reservoir op de begane grond of het bordes bij te vullen. Veiligheid door techniek. Geen geklim met gereedschap in de vrieskou.
In een stationaire betoncentrale zijn de condities anders maar de noodzaak gelijk. De mengarmen in de dwangmenger staan constant onder druk van agressief grind en cement. Een tweeleidingsysteem overbrugt hier de grote afstanden tussen de centrale pomp en de verschillende lagerblokken. Zelfs als een leiding naar de ene mengas een lichte verstopping vertoont, zorgt de kracht van de pomp ervoor dat de andere as onaangetast blijft draaien. De productie stagneert nooit.
Extreme condities bij sloopwerk
Bij het gebruik van een hydraulische sloophamer zijn trillingen en hitte extreem. Traditioneel vet zou direct vloeibaar worden en uit de hamer lopen. Hier kom je vaak olie-luchtsmering tegen. Een dunne olienevel wordt door perslucht naar de slagbeitel getransporteerd. De luchtstroom zorgt voor een lichte overdruk in de hamerbehuizing. Dit blaast betonstof letterlijk weg van de vitale delen, terwijl de olie de enorme wrijvingswarmte tussen beitel en geleiding minimaliseert.
Normatieve kaders en veiligheidsrichtlijnen
Veiligheid en machinerichtlijnen
Een smeerinstallatie staat nooit op zichzelf. De Machinerichtlijn (2006/42/EG) vormt het wettelijke fundament voor het ontwerp en de integratie van deze systemen in grotere machineparken. Veiligheid door ontwerp. Waar handmatige smering vaak risicovol onderhoud op hoogte of nabij draaiende delen vereist, dwingt de Arbowetgeving tot het minimaliseren van deze gevaren. Automatisering is hier de oplossing. Een centraal smeersysteem reduceert de noodzaak voor menselijke interventie in gevarenzones aanzienlijk, wat direct aansluit bij de arbeidshygiënische strategie uit het Arbeidsomstandighedenbesluit.
Risicobeoordeling volgens NEN-EN-ISO 12100 is cruciaal. Systemen die onder hoge druk werken, moeten beveiligd zijn tegen leidingbreuk en vloeistofinjectie. Bij stationaire installaties in de procesindustrie of bouwstofverwerking kan de ATEX-richtlijn (2014/34/EU) van toepassing zijn. Explosieveiligheid. Indien smeermiddelen worden verwerkt in een omgeving met brandbaar stof of gassen, moeten de elektrische componenten van de pomp en de besturing gecertificeerd zijn voor deze specifieke zones.
Milieuaspecten en lekkagepreventie
Vloeistofstromen in de buitenlucht vragen om beheersing. Het Activiteitenbesluit milieubeheer stelt strenge eisen aan het voorkomen van bodemverontreiniging. Een defecte smeerleiding mag de omgeving niet ongecontroleerd vervuilen. Moderne systemen integreren daarom bewakingsfuncties die de vet- of oliestroom direct staken bij een gedetecteerd lek. In ecologisch kwetsbare gebieden, zoals bij waterbouwkundige werken, wordt vaak de overstap naar biologisch afbreekbare smeermiddelen geëist, conform internationale milieunormen zoals de EU Ecolabel-criteria voor smeermiddelen. Geen druppel mag verloren gaan.
Historische ontwikkeling en evolutie
Smering was vroeger ambachtelijk handwerk. Vetspuit in de aanslag. Lange tijd was de smeernippel, die rond 1920 zijn intrede deed, de enige technische innovatie die het onderhoud van lagers enigszins vergemakkelijkte. Machines moesten simpelweg stilgezet worden voor elke onderhoudsbeurt. Stilstand kost geld. In de zware industrie van de jaren '30 en '40 ontstond de behoefte aan systemen die de menselijke foutmarge konden elimineren en smeertijden konden verkorten tot nul. De eerste centrale systemen waren handbediend; één centrale pomp verbonden met een wirwar van koperen leidingen die handmatig door de machinist werd geactiveerd.
De naoorlogse mechanisatie bracht de versnelling. Pneumatiek verving de spierkracht. Met de opkomst van complexe hydraulische graafmachines en stationaire menginstallaties in de jaren '70 werd de robuustheid van de installatie cruciaal. De ontwikkeling van de progressieve verdeler was hierbij de technologische doorbraak. Geen keuzevrijheid meer voor de vetstroom. Het dwong het smeermiddel in een vaste volgorde naar elk punt, waardoor de operator voor het eerst zeker wist dat verborgen lagers daadwerkelijk bereikt werden. Van mechanische aandrijving verschoof de focus naar elektronische sturing. Waar vroeger een vaste tijdklok het ritme bepaalde, praten moderne systemen nu direct met de boordcomputer van de machine. Smering op basis van werkelijke belasting. Een logische evolutie van een simpel pompje naar een datagestuurd component van asset management.
Gebruikte bronnen
- https://nl.pomac.be/uploads/wysiwyg/centrale-smering-industrie/3-volumetrisch/algemene_info_volumetrische_ventielen.pdf
- https://www.wirtgen-group.com/binary/full/o11996v83_DV_70i_VSOS_H277_nlNL.pdf
- https://www.wirtgen-group.com/binary/full/o11944v83_DV_70i_VVS_H277_nlNL.pdf
- https://www.deloonwerker.nl/landbouwmachines/silagewagens/bergmann-voegt-htw-silagewagen-toe-aan-productprogramma/
- https://compacttilt.com/nl/machinisten/emborgs-anlaeg/
Meer over installaties en energie
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan installaties en energie