Tussenmuur
Definitie
Een tussenmuur is een niet-dragende wand die dient voor het ruimtelijk indelen van een gebouw en geen constructieve belasting van bovenliggende vloeren of daken afdraagt.
Omschrijving
Uitvoering en realisatie
De realisatie van een tussenmuur begint bij de maatvoering. Een laser of slaglijnmolen trekt de exacte lijn op de vloer en het plafond. Nauwkeurigheid bepaalt hier het eindresultaat. Bij droogbouwsystemen, zoals metal stud, worden eerst de horizontale U-profielen mechanisch bevestigd aan de constructievloer en het plafond. Een akoestische band onder de profielen voorkomt dat trillingen en geluid door het gebouw reizen. Verticale C-profielen worden vervolgens op een vaste hart-op-hart afstand geplaatst, doorgaans 600 millimeter, afgestemd op de standaardbreedte van afwerkplaten.
Bij massieve tussenmuren van gipsblokken of kalkzandsteenblokken ziet het proces er anders uit. Men start met een kunststof kimprofiel of een kimlaag van mortel om een waterpas basis te creëren. De blokken worden in halfsteens verband verlijmd. Om de stabiliteit te waarborgen, worden lijm- of veerankers gebruikt die de nieuwe wand koppelen aan de bestaande bouwstructuur. Het is een repetitief proces. Stapelen, lijmen, borgen.
Een cruciaal detail bij elke tussenmuur is de aansluiting met de bovenliggende constructie. De muur mag nooit strak tegen het plafond worden opgemetseld of vastgezet. Een dilatatievoeg van circa 10 tot 20 millimeter is de standaard. Deze naad wordt vaak opgevuld met brandwerende purschuim of minerale wol. Dit voorkomt dat de bovenliggende vloer, wanneer deze belast wordt of doorbuigt, zijn gewicht afdraagt op de tussenmuur. Leidingwerk en elektra worden tijdens de montage in de holle ruimte van het frame verwerkt of in de massieve blokken ingefreesd voordat de finale afwerking, zoals stucwerk of spuitwerk, plaatsvindt.
Materiaaldiversiteit en constructiemethoden
Skeletwanden versus massieve wanden
De keuze voor een type tussenmuur hangt vaak af van de gewenste massa en de bouwsnelheid. We maken een scherp onderscheid tussen de lichte skeletwanden en de zwaardere, massieve wanden. De metal stud wand voert de boventoon in de moderne utiliteitsbouw en bij renovaties. Staalprofielen vormen hier het geraamte. Dit systeem is licht. Het is snel. De holle ruimte slikt leidingen moeiteloos in, mits de installateur de gaten op de juiste plek boort. Hout kan ook. Een houten frame, vaak vurenhout, wordt nog steeds toegepast in de woningbouw, hoewel de krimpgevoeligheid van hout soms voor scheurvorming in het stucwerk zorgt.
Aan de andere kant staan de massieve systemen. Gipsblokken, ook wel bekend onder de merknaam Alba, zijn populair vanwege hun gladde afwerking. Je lijmt ze. Na het vullen van de naden zijn ze nagenoeg schilderklaar. Cellenbeton is een alternatief. Het is lichter dan kalkzandsteen maar biedt minder geluidsisolatie. Voor wanden die echt wat moeten kunnen hebben, bijvoorbeeld in een werkplaats, is de niet-dragende kalkzandsteenwand de aangewezen variant. Massa is hier het sleutelwoord. Meer gewicht betekent vaak een betere akoestische scheiding tussen twee kamers.
Functionele varianten en prestatie-eisen
Specifieke toepassingen
Niet elke tussenmuur is gelijk. In natte ruimtes zoals de badkamer volstaat een standaard gipsplaat of gipsblok niet. Hier pas je de hydro-variant toe. Deze blokken of platen zijn behandeld met een waterafstotend middel en herkenbaar aan hun groene of blauwe kleur. Ze voorkomen dat capillair vocht de wand intrekt en het tegelwerk laat loslaten. Voor ruimtes waar privacy cruciaal is, zoals een spreekkamer of slaapkamer, bestaan er akoestische tussenwanden. Dit zijn vaak dubbel beplaatste skeletwanden met een vulling van minerale wol waarbij de platen soms een hogere dichtheid hebben, de zogenaamde duraline platen.
In de kantorenwereld zien we vaak de systeemwand. Dit zijn modulaire wanden. Ze zijn vaak verplaatsbaar. Glas is hierbij een veelgekozen variant om licht diep in het gebouw te laten doordringen terwijl de geluidsoverlast beperkt blijft. Soms worden deze wanden uitgevoerd met een stalen cassette. Flexibiliteit troef. De ruimte-indeling van vandaag hoeft niet die van morgen te zijn. Bij deze systemen is de aansluiting op het systeemplafond vaak het zwakke punt voor de geluidsisolatie, iets waar de ervaren monteur scherp op moet zijn.
Praktijkvoorbeelden en toepassingen
De zolderrenovatie
Een ongebruikte open zolder transformeert naar twee volwaardige slaapkamers. Metal stud profielen worden direct op de houten dekvloer geschroefd. Gipsplaten sluiten het frame. Binnen een dag staan de contouren. Geen extra fundering nodig; het lichte gewicht van deze tussenmuur staat de constructie niet in de weg.
Kantoorflexibiliteit
In een modern verzamelgebouw moeten drie aparte spreekunits komen. Glazen systeemwanden bieden uitkomst. De tussenmuur fungeert hier als akoestische barrière terwijl het daglicht diep in het pand doordringt. Verhuist het bedrijf? De wanden verhuizen mee. Demontabel en herbruikbaar.
De doorgebroken keuken
Een jaren '70 woning met een afgesloten, donkere keuken. De eigenaar wenst een kookeiland. De 7 centimeter dikke gipsblokken wand tussen de kamer en de keuken wordt gesloopt. Puur ruimtebeslag. Na het verwijderen van de blokken en het omleggen van de elektra in de vloer ontstaat een open verbinding. De bovenliggende vloer rust immers op de buitenmuren en de centrale draagmuur, niet op dit wandje.
Natte cel in de slaapkamer
Een hotelmatige opzet in een woonhuis. Een kleine tussenmuur scheidt het slaapgedeelte van de inloopdouche. Hier is gekozen voor hydro-gipsblokken. De muur draagt geen dak, maar moet wel het gewicht van de zware keramische tegels en de douchegarnituur houden. Stabiel, vochtbestendig en strak afgewerkt.
Kaders in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving
De juridische basis voor de realisatie van een tussenmuur ligt in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Dit besluit vervangt het oude Bouwbesluit 2012. Het stelt heldere grenzen. Hoewel een tussenmuur geen hoofddraagconstructie is, moet hij wel voldoen aan fundamentele veiligheidseisen. Stabiliteit is cruciaal. Een wand mag niet zomaar omvallen bij een zijdelingse belasting of een lichte stoot.
Brandveiligheid dicteert vaak de materiaalkeuze. Begrenst de tussenmuur een beschermde vluchtroute? Dan gelden er strikte eisen voor de Weerstand tegen Branddoorslag en Brandoverslag (WBDBO). Vaak wordt hier een eis van 30 of 60 minuten gehanteerd. De brandklasse van het gebruikte materiaal, getoetst volgens NEN-EN 13501-1, bepaalt of een wand in een specifieke ruimte mag staan. Brandbare materialen zijn niet overal toegestaan. Soms is onbrandbaarheid een harde eis.
Geluidsisolatie en milieuprestatie
Geluidsnormen zijn minder rigide voor interne tussenmuren dan voor woningscheidende wanden. Toch geeft de NEN 5077 de methodiek voor het bepalen van de geluidwering. In kantooromgevingen of bij kamergewijze verhuur kunnen specifieke prestatie-eisen gelden vanuit de omgevingsvergunning. Privacy is een recht.
Vergeet de Milieuprestatie Gebouwen (MPG) niet. Elk materiaal in de tussenmuur, van de metal-stud profielen tot de isolatiewol, telt mee in de totale milieu-impact van het bouwwerk. Bij nieuwbouw is dit een verplicht onderdeel van de berekening.
Vergunningen en de zorgplicht
Het plaatsen of slopen van een niet-dragende tussenmuur is in veel gevallen vergunningsvrij. Het is een interne verandering. Maar er is een keerzijde. Verandert de brandcompartimentering? Dan wijzigt het veilige gebruik van het pand. Een melding bij het bevoegd gezag kan dan noodzakelijk zijn. De eigenaar houdt altijd een algemene zorgplicht. Dat betekent dat de bouwveiligheid nooit in het geding mag komen. Een constructeur inschakelen bij twijfel over de draagkracht van de vloer onder de muur is geen luxe, het is verstandig handelen. De vloer moet de lijnlast van een zware kalkzandsteenwand immers wel aankunnen volgens de belastingsnormen in NEN-EN 1991.
Historische ontwikkeling
Van vlechtwerk tot systeemwand. De evolutie van de tussenmuur weerspiegelt de verschuiving van permanente, zware constructies naar flexibele en lichte scheidingsmethoden. In de traditionele vakwerkbouw bestond de tussenwand vaak uit vlechtwerk met leemvulling. Functioneel, maar verre van geluidsdicht of brandveilig. Met de opkomst van de burgerlijke woningbouw in de negentiende eeuw werd halfsteens metselwerk van baksteen de standaard. Deze wanden boden massa en stabiliteit, maar hun gewicht beperkte de ontwerpvrijheid van bovenliggende verdiepingen aanzienlijk.
De twintigste eeuw bracht technologische versnelling. In de jaren twintig en dertig verschenen de eerste lichtgewicht blokken van drijfsteen en bimsbeton op de bouwplaats. Minder belasting voor de fundering. De echte omslag in de woningbouw volgde na de Tweede Wereldoorlog met de grootschalige introductie van het gipsblok. Het was een antwoord op de woningnood: sneller te verwerken, minder vocht in de woning en direct af te werken. Tegelijkertijd waaide vanuit de Amerikaanse hoogbouw het principe van de droge afbouw over. Metalen profielen en gipskartonplaten boden een ongekende snelheid in de utiliteitsbouw.
De laatste decennia is de rol van de tussenmuur getransformeerd door strengere regelgeving. Waar vroeger enkel de ruimtelijke scheiding telde, bepalen nu prestatie-eisen op het gebied van brandwerendheid en akoestiek de geschiedenis. De moderne systeemwand is het voorlopige eindpunt. Demontabel. Herbruikbaar. Een product van de circulaire economie waarin een muur niet langer wordt gesloopt, maar wordt verplaatst of gedemonteerd.
Meer over constructies en dragende structuren
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan constructies en dragende structuren