Windbelasting berekenen (Eurocode)
Beschrijving
Bereken de stuwdruk en winddruk op een gevel of dak conform NEN-EN 1991-1-4. Op basis van het windgebied, de terreincategorie, de gebouwhoogte en de toepassing. Inclusief drukcoëfficiënten voor gevels, platte daken en zadeldaken.
Invoer velden
Resultaten
Windbelasting is in Nederland vaak de maatgevende veranderlijke belasting op gevels, daken en bevestigingen. De berekening verloopt in twee stappen: eerst de extreme stuwdruk qp op basis van windgebied, terreincategorie en hoogte, daarna de winddruk via de drukcoëfficiënt cpe van de specifieke zone. De hoogste windbelasting treedt op als zuiging op de rand- en hoekzones van platte daken, waar coëfficiënten tot -2,5 gelden — cruciaal voor de ballast van zonnepanelen en bevestiging van dakbedekking.
Windgebied I omvat de noordwestelijke kuststrook (kop van Noord-Holland, Waddeneilanden, Friese kust), gebied II het westen en midden, gebied III het oosten en zuiden. Deze tool geeft een indicatieve berekening voor gangbare situaties tot 20 meter hoogte. Voor de definitieve constructieve toetsing met alle zones, interne drukcoëfficiënten en belastingfactoren is een constructeur noodzakelijk.
Formulas:
-
h_qp_gebied1 = if(terrein == 1, if(hoogte == 1, 0.93, if(hoogte == 2, 1.11, if(hoogte == 3, 1.22, 1.30))), if(terrein == 2, if(hoogte == 1, 0.71, if(hoogte == 2, 0.90, if(hoogte == 3, 1.02, 1.11))), if(hoogte == 1, 0.55, if(hoogte == 2, 0.71, if(hoogte == 3, 0.84, 0.93)))))
-
h_qp_gebied2 = if(terrein == 1, if(hoogte == 1, 0.78, if(hoogte == 2, 0.93, if(hoogte == 3, 1.02, 1.09))), if(terrein == 2, if(hoogte == 1, 0.60, if(hoogte == 2, 0.76, if(hoogte == 3, 0.86, 0.93))), if(hoogte == 1, 0.46, if(hoogte == 2, 0.58, if(hoogte == 3, 0.69, 0.77)))))
-
h_qp_gebied3 = if(terrein == 1, if(hoogte == 1, 0.64, if(hoogte == 2, 0.77, if(hoogte == 3, 0.85, 0.91))), if(terrein == 2, if(hoogte == 1, 0.49, if(hoogte == 2, 0.63, if(hoogte == 3, 0.71, 0.78))), if(hoogte == 1, 0.38, if(hoogte == 2, 0.48, if(hoogte == 3, 0.56, 0.64)))))
-
h_qp = if(windgebied == 1, h_qp_gebied1, if(windgebied == 2, h_qp_gebied2, h_qp_gebied3))
-
h_cpe = if(toepassing == 1, 0.8, if(toepassing == 2, -0.7, if(toepassing == 3, -1.8, if(toepassing == 4, -2.5, if(toepassing == 5, 0.7, -0.5)))))
-
h_we = round(h_qp * h_cpe, 3)
-
stuwdruk = h_qp
De extreme stuwdruk op referentiehoogte conform de Nederlandse nationale bijlage bij NEN-EN 1991-1-4, op basis van windgebied, terreincategorie en hoogte. -
drukcoefficient = h_cpe
De externe drukcoëfficiënt van de gekozen zone. Positief betekent druk op het vlak, negatief betekent zuiging van het vlak af. -
winddruk = h_we
De karakteristieke winddruk: we = qp x cpe. Een negatieve waarde betekent zuiging — de wind trekt aan het vlak. Dit is de belasting waarop de bevestiging of ballast moet worden gedimensioneerd. -
winddruk_kg = round(if(h_we < 0, 0 - h_we, h_we) * 101.97, 0)
De absolute winddruk omgerekend naar kilogram per vierkante meter, altijd positief weergegeven. Dit is de richtwaarde voor de benodigde ballast van bijvoorbeeld zonnepanelen, vóór toepassing van veiligheidsfactoren. -
zuiging_waarschuwing = 'Zuiging — ballast of mechanisch bevestigen'
In deze zone werkt de wind als zuiging. Losliggende elementen zoals zonnepanelen, dakbedekking en isolatieplaten moeten geballast of mechanisch bevestigd worden tegen deze opwaartse kracht. De rand- en hoekzones beslaan circa 10 tot 20 procent van de dakbreedte vanaf de rand — raadpleeg NEN-EN 1991-1-4 paragraaf 7.2 voor de exacte zonering. -
disclaimer_wind = 'Laat eindberekening uitvoeren door constructeur'
Deze berekening geeft de karakteristieke windbelasting voor gangbare situaties tot 20 meter hoogte. Voor de definitieve constructieve toetsing gelden aanvullend de interne drukcoëfficiënten (cpi), de zonering van het volledige dakvlak en de belastingfactoren uit NEN-EN 1990. Laat de eindberekening uitvoeren door een constructeur.
Berekening informatie
Meer over constructief
Ontdek meer tools gerelateerd aan constructief