Ytong
Definitie
Ytong is een merknaam voor geautoclaveerd cellenbeton (AAC), een lichtgewicht, geprefabriceerd bouwmateriaal.
Omschrijving
Soorten en Verwante Begrippen
Naast Ytong zijn er andere prominente spelers op de markt die eveneens geautoclaveerd cellenbeton produceren, zoals H+H en Hebel. Hebel was vroeger ook een zelfstandig merk, maar is nu, net als Ytong, onderdeel van Xella. Soms kom je nog de term 'Siporex' tegen, een historische merknaam die eveneens onder de paraplu van Xella valt. Elk van deze merken levert in essentie hetzelfde basismateriaal, maar met potentieel eigen productlijnen of specifieke afmetingen.
De variatie in Ytong, of breder, in cellenbeton, zit primair in twee aspecten: de toepassingsvorm en de materiële eigenschappen. Qua vorm zijn er de bekende blokken, verkrijgbaar in diverse afmetingen en diktes, geschikt voor zowel dragende als niet-dragende muren. Daarnaast zijn er platen, lateien voor het overspannen van openingen, en U-vormige elementen die vaak dienen als verloren bekisting voor betonbalken of ringbalken. De materiële eigenschappen zijn nog bepalender voor de prestaties. Zo wordt cellenbeton geleverd in verschillende dichtheidsklassen, van lichte, sterk isolerende varianten – soms aangeduid met lambda-waarden – tot zwaardere, drukvaste typen die hogere constructieve eisen aankunnen. Dit is belangrijk; een te licht blok kan de constructieve last niet dragen, terwijl een te zwaar blok minder optimaal isoleert.
Praktische toepassingen en situaties
Hoe Ytong zich in de praktijk manifesteert
De veelzijdigheid van Ytong, of breder, geautoclaveerd cellenbeton, komt in de bouw op diverse manieren tot uiting. Het is een materiaal dat je in allerlei hoedanigheden tegenkomt, afhankelijk van de constructieve of isolerende eisen.
Binnenmuren in een woning: Bij de indeling van een bestaande woning of een nieuwbouwproject kiest men voor Ytong-blokken om snel en efficiënt niet-dragende scheidingswanden te plaatsen. Het lichte gewicht en de relatieve eenvoud van verwerking – zagen, frezen – maken het ideaal voor het creëren van nieuwe kamers of het aanpassen van de indeling zonder zware constructies te introduceren.
Dragende wanden voor lage gebouwen: Voor de dragende binnen- en buitenmuren van bijvoorbeeld een eengezinswoning of een bedrijfshal tot enkele verdiepingen zijn Ytong-blokken met een hogere druksterkte frequent ingezet. Deze dragen niet alleen de constructieve last, maar leveren tegelijk een substantiële bijdrage aan zowel de thermische als de akoestische isolatie van het gebouw.
Geïsoleerde buitenwanden: Bij het streven naar een energiezuinige of passiefhuisconstructie wordt vaak gekozen voor dikkere Ytong-buitenwandblokken. De inherente isolerende eigenschappen van het cellenbeton maken aanvullende isolatielagen aan de buitenzijde veelal overbodig, wat resulteert in een snellere bouw en een monoliete, damp-open wandconstructie.
Lateien boven openingen: Wanneer er in een Ytong-wand een raam- of deuropening gemaakt wordt, plaatst men standaard Ytong-lateien. Dit zijn voorgefabriceerde, vaak gewapende elementen die exact de breedte van de muur hebben, waardoor een koudebrugvrije overspanning wordt gegarandeerd en het metselwerk erboven veilig wordt ondersteund.
U-blokken voor ringbalken: Voor het realiseren van betonnen ringbalken, bijvoorbeeld bovenaan een gevel waar de dakconstructie op rust, worden Ytong U-blokken gebruikt. Deze dienen als verloren bekisting: de wapening en het beton worden erin gestort. Dit zorgt voor een naadloze isolerende schil rondom de betonbalk, wat koudebruggen effectief tegengaat.
Wettelijke kaders en normen rondom Ytong
Specifiek voor cellenbetonnen metselstenen is de Europese norm NEN-EN 771-4 van belang. Deze norm, getiteld ‘Specificaties voor metselstenen – Deel 4: Metselstenen van cellenbeton’, beschrijft de kenmerken, prestatie-eisen en beproevingsmethoden waaraan cellenbetonblokken moeten voldoen. Dit omvat aspecten zoals druksterkte, maatvoering en vorstbestandheid. Fabrikanten van Ytong-producten dienen een prestatieverklaring (Declaration of Performance, DoP) af te geven en hun producten te voorzien van een CE-markering, zoals vereist onder de Europese Bouwproductenverordening (CPR). Dit waarborgt dat het materiaal voldoet aan de geharmoniseerde Europese normen en de essentiële kenmerken die relevant zijn voor de beoogde toepassing in het bouwwerk.
Geschiedenis van Ytong en geautoclaveerd cellenbeton
De oorsprong van geautoclaveerd cellenbeton, het materiaal waar Ytong een merknaam voor is, ligt in het Zweden van de jaren twintig. Een periode van woningnood en tekorten aan traditionele bouwmaterialen zoals hout, die de drang naar innovatie aanwakkerde. De Zweedse architect en onderzoeker Johan Axel Eriksson, samen met professor Henrik Kreüger, ontwikkelde in 1923 een methode om lichter en isolerender bouwmateriaal te produceren. Zij ontdekten dat een mengsel van kalk, cement, kwartszand en water, met toevoeging van aluminiumpoeder, bij verhitting en uitharding onder stoomdruk – het zogeheten autoclaveren – een poreuze structuur verkreeg. Dat is de geboorte van wat later wereldwijd bekend zou worden als geautoclaveerd cellenbeton of AAC (Autoclaved Aerated Concrete).
Aanvankelijk werd dit innovatieve materiaal verkocht onder de naam 'Gasbeton', een term die de gasvorming tijdens het productieproces benadrukte. Deze benaming, hoewel minder technisch specifiek dan de huidige terminologie, bleef decennia lang in gebruik en leeft in sommige kringen nog voort. In 1929 startte de commerciële productie onder de merknaam Ytong in Yxhult, Zweden. De naam is een samentrekking van Yxhults ånghärdade lättbetong, wat 'door stoom uitgehard lichtbeton uit Yxhult' betekent.
Gedurende de jaren na de Tweede Wereldoorlog zag cellenbeton een enorme opmars, mede door de wederopbouw en de behoefte aan snelle, efficiënte en isolerende bouwmethoden. De technische eigenschappen, zoals het lichte gewicht, de goede thermische isolatie en de brandwerendheid, maakten het een favoriet in zowel woning- als utiliteitsbouw. Verspreid over Europa ontstonden verschillende fabrikanten en merknamen die dit principe omarmden, zoals Hebel en Siporex. Uiteindelijk consolideerde een groot deel van deze markt zich onder de paraplu van Xella, een Duitse bouwmaterialengroep, die zowel Ytong als Hebel en Siporex onder zijn portfolio bracht. De focus verschoof daarbij geleidelijk van het generieke 'gasbeton' naar het technisch correctere 'cellenbeton', terwijl Ytong uitgroeide tot de meest herkenbare en toonaangevende merknaam voor dit veelzijdige bouwmateriaal.
Veelgestelde vragen
Meer over bouwmaterialen en grondstoffen
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan bouwmaterialen en grondstoffen