Bouw Woordenboek
Professioneel naslagwerk met duidelijke uitleg van bouwtermen en vakjargon. Zoek snel de betekenis van constructietermen, materialen en bouwprocessen.
21 termen gevonden
Werkpositioneringsgordel
Een specifiek type persoonlijke beschermingsmiddel dat een werker op hoogte op een vaste plek fixeert om stabiel en met vrije handen werkzaamheden uit te voeren.
Werktafel
Een robuust, horizontaal werkvlak voor handmatige en machinale bewerkingen, essentieel voor stabiliteit en ergonomie in werkplaatsen en op bouwlocaties.
Westwerk
Een westwerk is een monumentaal bouwdeel aan de westzijde van een kerkgebouw, vaak met een toren of torenachtig blok in het midden en soms geflankeerd door traptorens.
Wiellader
Een wiellader, ook wel shovel of laadschop genoemd, is een machine op wielen die wordt gebruikt voor het verplaatsen en laden van materialen zoals grond, zand, grind en puin.
Wig
Een wig, ook wel bekend als keg, keil of scheg, is een schuin toelopend blok, vaak puntig aan één zijde met twee aflopende vlakken, gebruikt om bouwdelen te fixeren, klemmen, splijten, stellen of uit te lijnen.
Wiggen
Een wig is een schuin toelopend blok, meestal van hout, metaal of kunststof, dat wordt gebruikt om objecten vast te klemmen, te kloven of te stellen.
Windas
Een windas is een werktuig met een horizontale as (spil of trommel) waaromheen een touw, kabel of ketting wordt gewonden om lasten te verplaatsen, zowel horizontaal als verticaal.
Winde
Een winde is een mechanisch werktuig met een trommel waarop een kabel wordt opgerold, gebruikt voor hijs- of trekwerkzaamheden.
Winkelhaak
Een winkelhaak is een L-vormig meetgereedschap, meestal van metaal, dat wordt gebruikt om rechte hoeken (90 graden) uit te zetten, af te tekenen of te controleren op haaksheid.