Vermogen berekenen
Beschrijving
Bereken het elektrisch vermogen uit spanning en stroom, of reken een vermogen in watt om naar ampère. Voor gelijkstroom, 230 V en krachtstroom, met een check of het op een groep van 16 A past en wat het verbruik kost.
Invoer velden
Resultaten
Het elektrisch vermogen is spanning maal stroom: P = U × I. Kies of je het vermogen wilt berekenen uit spanning en stroom, of juist de stroom wilt weten bij een bekend vermogen, bijvoorbeeld hoeveel ampère een apparaat van 2.000 watt trekt. Bij wisselstroom telt de vermogensfactor mee: P = U × I × cos φ. Bij krachtstroom (drie fasen, 400 V) komt daar de factor √3 bij: P = √3 × U × I × cos φ.
Het huishoudelijk net in Nederland levert 230 V. Een standaard groep is afgezekerd op 16 A; bij een gewone belasting is dat maximaal 3.680 watt. Bepalend is de stroom, niet het vermogen: een apparaat met een lage vermogensfactor trekt meer stroom dan je op grond van de watts zou verwachten. De calculator toetst daarom op de stroom. Voorbeelden van vermogens: waterkoker 2.200 W, wasmachine 2.500 W, oven 3.000 W, laptoplader 65 W.
Apparaten met een motor, zoals een stofzuiger, compressor of koelkast, trekken bij het inschakelen kort drie tot vijf keer de normale stroom. Vul je in hoeveel uur per dag het apparaat aanstaat, dan zie je ook het verbruik in kWh en, met een stroomprijs, de kosten per jaar. Laat aanpassingen aan de installatie altijd door een erkend installateur doen.
Formulas:
-
h_fase = if(systeem == 'drie', 1.732, 1)
-
h_cos = if(systeem == 'dc', 1, cos_phi)
-
h_ac = if(systeem == 'dc', 0, 1)
-
h_noemer = spanning * h_fase * h_cos
-
h_i = if(berekening == 'stroom', if(h_noemer > 0, vermogen_in / h_noemer, 0), stroom)
-
h_p = if(berekening == 'stroom', vermogen_in, h_noemer * stroom)
-
vermogen = round(h_p, 0)
Het werkelijke vermogen: spanning × stroom × cos φ, bij drie fasen maal √3. -
vermogen_kw = round(h_p / 1000, 2)
Het vermogen omgerekend naar kilowatt. -
stroom_uit = round(h_i, 1)
De stroom die het apparaat trekt. Bij drie fasen is dit de stroom per fase. -
schijnbaar = round(spanning * h_i * h_fase, 0)
Spanning maal stroom, zonder vermogensfactor. Hierop worden kabels en zekeringen belast. -
groep_advies = if(h_i > 16, 'Nee — de stroom is hoger dan 16 A. Hiervoor is een zwaardere of aparte groep nodig.', if(h_i > 13, 'Krap — de stroom nadert de 16 A. Sluit geen andere apparaten op dezelfde groep aan.', 'Ja — de stroom blijft ruim onder de 16 A.'))
Een standaard groep is afgezekerd op 16 A. Andere apparaten op dezelfde groep tellen mee. -
inschakel_advies = 'Motoren en compressoren trekken bij het inschakelen kort drie tot vijf keer de normale stroom. Daardoor kan een zekering uitvallen.'
Geldt voor apparaten met een motor, waarvoor je een vermogensfactor lager dan 1 hebt gekozen. -
kwh_dag = round(h_p / 1000 * uren_per_dag, 2)
Het vermogen in kW maal het aantal uren per dag. -
kwh_jaar = round(h_p / 1000 * uren_per_dag * 365, 0)
Het dagverbruik maal 365 dagen. -
kosten_jaar = round(h_p / 1000 * uren_per_dag * 365 * prijs_kwh, 2)
Het jaarverbruik maal de ingevulde stroomprijs.
Veelgestelde vragen
Berekening informatie
Meer over elektrotechniek
Ontdek meer tools gerelateerd aan elektrotechniek