Interne krachten
Definitie
Interne krachten zijn de krachten en momenten die binnen een constructie optreden als gevolg van externe belastingen.
Omschrijving
Typen interne krachten en hun onderscheid met spanningen
Dan hebben we de dwarskracht, die parallel aan de doorsnede werkt. Deze kracht probeert een constructiedeel als het ware te 'schuiven' of te 'knippen'. Een ligger die tussen twee steunpunten doorbuigt, ervaart grote dwarskrachten nabij de opleggingen, precies daar waar het materiaal probeert af te schuiven. Niet te vergeten is het buigend moment; dit is een moment dat in het vlak van de doorsnede werkt, wat de klassieke buiging van een balk of plaat veroorzaakt. Dit fenomeen maakt dat de ene zijde van een element onder druk komt en de andere onder trek, essentieel bij liggers en vloeren. En tot slot, de wringkracht, of het wringend moment, dat een rotatie om de lengteas van het element veroorzaakt, de doorsnede wil 'verdraaien'. Dit zie je bijvoorbeeld bij balken die excentrisch belast worden of bij assen in machines.
Nu, het is van cruciaal belang het verschil tussen interne krachten en spanningen te begrijpen. Interne krachten zijn de *resultante* van de spanningen die over een heel doorsnedevlak werken. Het zijn integrale grootheden. Spanningen daarentegen, dat is de intensiteit van die interne krachten, uitgedrukt per oppervlakte-eenheid, op een specifiek *punt* binnen het materiaal. Kortom: een interne kracht is een totaal effect op een vlak, terwijl spanning een lokale actie in een punt beschrijft. De interne krachten zijn als het ware de macro-uitkomst van de micro-spanningen.
Voorbeelden uit de praktijk
Wat betekenen al die abstracte krachten nu eigenlijk, daar op de bouwplaats? In elk bouwwerk, elk onderdeel, zie je ze terug. Een stalen balk die over een vrije overspanning ligt, ja, die buigt door; dat is het buigend moment, klip en klaar. De bovenkant wordt ingedrukt, de onderkant uitgerekt. Een brugdek, gedragen door dwarsliggers, daar zie je het fenomeen in optima forma.
Neem een kolom onder een zwaar dak, een simpele maar o zo essentiële component. De kracht die rechtstreeks door de lengteas van die kolom loopt, die probeert hem korter te maken, dat is de normaalkracht, puur druk. Anderzijds, de trekstang in een kapspant, die werkt precies andersom, die wordt op trek belast; die voorkomt dat de constructie uit elkaar zakt.
En die dwarskrachten? Denk eens aan een latei, de horizontale balk boven een raamopening. Precies aan de uiteinden, waar die latei op het metselwerk rust, probeert de constructie boven de latei deze als het ware af te schuiven, te knippen. Die neiging tot verschuiven van materiaalvlakken, dat zijn dwarskrachten in actie. Cruciaal bij opleggingen, daar moet je alert zijn.
De wringkracht, of het wringend moment, is misschien minder direct zichtbaar, maar zeker niet minder belangrijk. Stel je een lange, uitkragende ligger voor, zoals die van een balkon, waar de belasting niet netjes door het midden van de doorsnede gaat, maar er wat excentrisch op inwerkt. Dat wil die ligger verdraaien, rotatie om de lengteas. Of een zware stalen profielbalk die dient als poortstijl en waar een grote, zware poort aan hangt; het scharnierpunt oefent een flinke wringkracht uit op die stijl, zeker als de poort opengaat. Deze krachten vragen om doordachte constructieve oplossingen. Je wilt geen verdraaide balken, of wel soms?
Wettelijke kaders en normeringen
De nauwkeurige bepaling en analyse van interne krachten vormen de absolute kern van elk constructief ontwerp en zijn daarom onlosmakelijk verbonden met de wettelijke eisen omtrent bouwveiligheid. Want een constructie die intern niet goed berekend is, biedt geen garantie voor veiligheid, duurzaamheid en bruikbaarheid. In Nederland stelt het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) expliciete eisen aan de constructieve veiligheid van bouwwerken. Dit besluit verwijst voor de uitwerking en invulling van deze eisen doorgaans naar de NEN-EN normen, de zogenaamde Eurocodes.
De NEN-EN 1990 (Eurocode 0), 'Grondslagen van het constructief ontwerp', vormt de basis. Vanuit dit fundament worden in de opvolgende Eurocodes, zoals NEN-EN 1991 (Eurocode 1) voor belastingen en andere specifieke Eurocodes voor materialen (bijvoorbeeld beton, staal, hout), de methodieken uiteengezet om tot een veilige en verantwoorde constructie te komen. Al deze normen vereisen een grondige analyse van de krachtsverdeling binnen het bouwwerk onder verschillende belastingcondities. Een gedegen berekening van de normaalkrachten, dwarskrachten, buigende momenten en wringkrachten is dus niet zomaar een technische oefening, het is een wettelijke plicht. Constructeurs moeten aantonen dat de interne krachten die optreden, binnen de grenzen blijven van wat de materialen en constructieonderdelen veilig kunnen dragen, vastgelegd in deze normen.
Historische ontwikkeling
Interne krachten, een concept zo fundamenteel voor de bouw, heeft een lange en intrigerende ontwikkelingsgeschiedenis. Eeuwenlang bouwde de mensheid instinctief. Denk aan de Egyptische piramides, de Romeinse aquaducten of de middeleeuwse kathedralen; enorme bouwwerken verrezen, vaak gebaseerd op beproefde methoden, jarenlange ervaring en een diep, zij het ongeschreven, inzicht in hoe materialen zich gedragen onder diverse belastingen. Een bouwmeester uit de oudheid wist, zonder de moderne formules, dat een zware boog druk uitoefende, dat een draagbalk een bepaalde overspanning veilig kon overbruggen. Het was een pure, empirische leidraad, essentieel.
De ware wetenschappelijke benadering, de stap van 'weten dat' naar 'weten waarom', begon pas veel later. In de 17e eeuw leverde Galileo Galilei baanbrekend werk met zijn studies naar de sterkte van materialen en het buiggedrag van balken. Dit was het begin van een formele, mechanische analyse. Na hem kwamen er nog veel meer invloedrijke wetenschappers, zoals Leonhard Euler, Daniel Bernoulli en Claude-Louis Navier, die de wiskundige grondslagen legden voor de elasticiteitstheorie en de vergelijkingen ontwikkelden die beschrijven hoe krachten zich intern in een constructie verdelen. Dit was een enorme sprong voorwaarts, een doorbraak die de weg effende voor rationeel ontwerp.
Tot ver in de 20e eeuw bleven grafische methoden, zoals de Cremona-methode voor vakwerken, van vitaal belang voor de praktische ingenieur. Complexe berekeningen van momenten en dwarskrachten? Vaak handwerk, tijdrovend maar onontbeerlijk voor de veiligheid van constructies. Met de komst van de computer in de tweede helft van de 20e eeuw veranderde het landschap echter drastisch. De Eindige Elementen Methode (EEM), of FEM, werd bereikbaar. Structuren die voorheen rekenkundig te complex waren, werden nu met ongekende precisie analyseerbaar. Interne krachten konden nu voor elk punt en in elke richting worden bepaald. Dit heeft de constructieve mogelijkheden exponentieel vergroot. Constructeurs kunnen met veel grotere zekerheid en efficiëntie ontwerpen, veiligheidsmarges optimaliseren en architectonische vrijheden exploreren, allemaal geworteld in de eeuwenoude principes van interne krachten.
Gebruikte bronnen
- https://www.joostdevree.nl/shtmls/statisch_bepaald.shtml
- https://icozct.tudelft.nl/TUD_CT/CT2031/oefening/matrix/files/Introductie MatrixFrame.pdf
- https://www.buildsoft.eu/nl/blog/basisprincipes-van-constructief-ontwerpen-en-stabiliteit
- https://www.joostdevree.nl/bouwkunde2/belasting.htm
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Buiging_(mechanica
- https://nl.wikisage.org/wiki/Belasting_(constructieleer
- https://nl.wikipedia.org/wiki/Sterkteleer
- https://betonhuis.nl/system/files/2022-01/Betonpocket_2020 Herdruk 2021 lr.pdf
- https://www.joostdevree.nl/shtmls/stijfheid.shtml
- https://www.joostdevree.nl/bouwkunde2/kruip.htm
- https://www.encyclo.nl/begrip/dynamiek
- https://www.ideastatica.com/nl/blog/wat-als-het-niet-de-goede-kant-op-gaat
Meer over constructies en dragende structuren
Ontdek meer termen en definities gerelateerd aan constructies en dragende structuren