Bouw Woordenboek
Professioneel naslagwerk met duidelijke uitleg van bouwtermen en vakjargon. Zoek snel de betekenis van constructietermen, materialen en bouwprocessen.
1874 termen gevonden
Kierlat
Een kierlat is een langwerpig profiel, vaak van hout, gebruikt om kieren en naden tussen bouwelementen, zoals kozijnen en muren, af te dichten.
Kierstandhouder
Een kierstandhouder is een beveiligingsmechanisme voor ramen en deuren dat voorkomt dat deze verder dan een kleine spleet geopend kunnen worden.
Kiezelbak
Een kiezelbak is een bak die op een plat dak wordt geplaatst om hemelwater af te voeren en te voorkomen dat vuil, zoals grind en bladeren, in de regenpijp terechtkomt.
Kijkgat
Een kijkgat is een kleine opening in een deur of wand, vaak voorzien van een lens, om visuele waarneming mogelijk te maken zonder deze te openen.
Kijkspleet
Een functionele, vaak smalle opening in een bouwkundig element die dient voor visuele controle of inspectie van achterliggende ruimtes en installaties.
Kijl
Een kijl is een beitelvormige wig, meestal van hout, metaal of kunststof, die gebruikt wordt om materialen te splijten, voorwerpen vast te klemmen of los te werken.
Kikker
In de bouwkunde kan een 'kikker' verschillende betekenissen hebben, waaronder een metalen of houten palletje om ramen te sluiten, of een aansluitstukje bij naar binnendraaiende ramen of deuren.
Kilgoot
Een kilgoot is een dakgoot die wordt aangebracht ter plaatse van de kilkeper, de snijlijn waar twee naar binnen gerichte dakvlakken samenkomen.
Kilkeper
Een kilkeper is een balk of keper die geplaatst wordt in de inspringende (binnen)hoek waar twee hellende dakvlakken samenkomen.
Kim
In de bouwkunde is de kim de aansluiting tussen een wand en een vloer, of specifiek de eerste laag stenen of blokken van een muur die op de fundering wordt geplaatst.
Kimblok
Een kimblok is een bouwblok dat als eerste laag (kimlaag) wordt toegepast op de fundering, als overgang naar de opgaande muurconstructie.
Kimkiel
Een kimkiel is een langwerpige strook, vaak van hout of metaal, aangebracht aan weerszijden van de scheepsromp ter hoogte van de kimmen om het slingeren te verminderen en/of het afdrijven tegen te gaan, met name bij platbodems of schepen zonder diepe kiel.